Showing posts with label gedachten. Show all posts
Showing posts with label gedachten. Show all posts

Sunday, October 30, 2016

Geest en watervloed

In het begin schiep God de heml en de aarde. De aarde was nog woest en doods, en duisternis lag over de oervloed, maar Gods geest zweefde over het water.  God zei: 'Er moet licht komen.' en er was licht. (Gen. 1:1-3)

En zo begint de bijbel. Eeuwen van discussie over de interpretatie over Genesis 1. Moet je dit nu allemaal letterlijk lezen? Toen ik Technische Natuurkunde studeerde was ik er al wel uit: hoe je Genesis ook leest, het is geen technisch, natuurkundig verslag van hoe God de aarde heeft gemaakt. Het vertelt niets over het 'hoe'. Hoogstens over het 'dat'.  Sinds dit jaar heb ik de Naardense Bijbel en die maakt het wel heel duidelijk dat Genesis 1 een gedicht is. En dat gedicht is onderverdeeld in dagen. Moet je die als afzonderlijke, letterlijke, dagen van 24 uur beschouwen? Ga je gang. Maar dan ga je denk ik voorbij aan de suggestie dat het een gedicht is. Dan beschouw je het toch te veel als een feitelijk verslag. Ik denk overigens ook dat je de schoonheid van het verhaal mist.

Kijk nu eens naar het beeld dat in de eerste 3 versen wordt geschilderd. God schiep de hemel en de aarde. Het heelal, of de kosmos. Een woeste, donkere levensloze massa, water. En wat zweeft daar over? Inderdaad: Gods Geest. Is dat wat anders dan God zelf? Je zou denken dat het niet iets anders is. Teksten uit het tweede deel van de bijbel suggereren betrokkenheid van Jezus in de schepping. Maar voor nu hou ik het bij de betrokkenheid van God. Wat we hier zien is in elk geval:
  1. God
  2. Een aarde met een enorme massa water waar het een doodse bedoening is.
  3. Gods geest die daar over zweeft
En wat gebeurt daarna? Dan begint het eigenlijke scheppen. Hoe? Nou, volgens een gedicht dat is opgedeeld in een aantal coupletten. Hoe noem je die coupletten? Je zou ze naar de scheppingsdaden kunnen noemen. Maar als je op 6 scheppingscoupletten komt,  kun je die ook dagen noemen, die uitlopen op een feestdag. Kunstig toch?

Laten we eens een stukje vooruit spoelen. De mens loopt een tijdje op aarde rond, groeit uit tot een aantal volken en beginnen met elkaar te harrewarren. Uiteindelijk een hele sneue vertoning. Dus God bedenkt een plan voor het gezin van Noach en een verzameling koppels dieren.
En dan lees je in Gen. 7:17:
De vloed overstroomde de aarde veertig dagen lang. Het water steeg en de aarde werd opgetild, zodat hij van de aarde loskwam.

Nog een stukje verder:
Toen dacht God weer aan Noach en aan alle wilde dieren en het vee bij hem in de ark. Op zijn bevel begon er een wind over de aarde te waaien, waardoor het water afnam. De oervloed en de sluizen van de hemel werden gesloten zodat het ophield met regenen. Gen. 8:1-2.

 Wat lezen we hier? Weer de betrokkenheid van God in het verhaal. En een aarde die bedekt is met een (de?) oervloed aan water. Weer een doodse bedoening. Dit keer steekt er echter een wind op. Weliswaar in opdracht van God, toch? Maar toch een wind. Of...?

Een paar jaar geleden vertelde meneer Poeder mij dat hij hier over zat te tobben. Want hoe zat dat nu? Zelf vind ik het ook wel een raar verhaal. Want neem nu eens een bak met water en blaas eens flink aan een kant van de bak. Als je goed je best doet, kun je het je voorstellen dat het water zich gaat ophopen aan de andere kant van de bak waarbij het aan de kant waar je blaast minder wordt. Maar wat gebeurt er als je stopt met blazen? Dan stroomt het fijn weer terug. Er moet dus meer gebeuren.

Meneer Poeder vertelde mij dat er in het Hebreeuws voor het woordje 'wind' hetzelfde woordje staat als bij Gods 'geest' in Genesis 1, nl. 'Ruach'. Dus het is die scheppende Ruach kennelijk die ook in Genesis 8 betrokken is. Meneer Poeder kwam er op dat Je je dan wel kunt voorstellen dat die Ruach er voor zorgde dat de tectonische platen uit een dreven en daarmee ruimte maakte voor het wegvloeien van het water.

Maar deze week realiseerde ik me het volgende. Bedenk je nu nog eens de zetting  van Genesis 1:1-2
  1. God
  2. Een aarde met een enorme massa water waar het een doodse bedoening is.
  3. Gods geest Ruach die daar over zweeft
En Genesis 8:1-2
  1. God
  2. Een aarde met een enorme massa water waar het een doodse bedoening is.
  3. Gods 'wind' Ruach die daar over waait/zweeft
Het is gewoon een parallel verhaal! Genesis 8 begint gewoon exact hetzelfde als Genesis 1. Een fraai staaltje vertelkunst. God gaat kennelijk herscheppen in Genesis 8.

Deed Hij dat omdat het tussen Genesis 2 en 6 helemaal mis ging en Hij maar overnieuw moest beginnen? Ik geloof er geen sier van. Genesis 1 was geen miskleun. En de mensen die het tot aan Genesis 6 niet redden tot in de boot, zijn volgens mij niet verloren. Wat dan wel?

Ik denk dat juist die parallel hoop geeft. Namelijk dat God door Jezus de schepping en ons door de dood heen trekt. Dat Gods Ruach weer orde brengt in de ontstane chaos en herstellend opnieuw leven brengt. Merk ook op dat het niet om een andere aarde gaat. Noach en de zijnen herbevolkten dezelfde aarde als voor de vloed.
In Openbaringen krijg je het beeld van de glazen zee. Een zee die dus kennelijk glad is en zijn verzwelgende kracht kwijt is.

Ik besef dat ik hiermee niet het Noach verhaal heb opgelost. Maar ik werd zelf wel enthousiast van het idee dat er toch een pracht van een parallel ligt.

Sunday, May 15, 2016

Mantel

In 1 Samuel 18 3-4 lezen we: 'En Jonatan, die David zo lief had als zijn eigen leven, sloot vriendschap met hem: hij deed zijn mantel af en gaf die aan David. Ook gaf hij hem zijn uitrusting, tot en met zijn zwaard, zijn boog en zijn koppelriem.'

Ik had dit deel van het vriendschapsverhaal van David en Jonatan niet in mijn parate kennis. Maar, waarom zou Jonatan dat nu gedaan hebben? Is dat een aanduiding, een verbonds-sluiting van de vriendschap? We hebben alles gemeenschappelijk? Een voor uit wijzing van de eerste pinkstergemeente, waarin alles werd gedeeld? Hmm. Interessante gedachte. Maar toen deze suggestie vandaag werd gedaan, kreeg ik eigenlijk meteen een hele andere gedachte.

De suggestie overigens werd gedaan vanuit de overeenkomsten die je tussen het verhaal van 1 Samuël en het Pinkster feest zou kunnen op maken. En verder nog, naar vandaag de dag. De tijd waarin het verhaal speelt is tamelijk donker. Saul had last van een kwade geest, die overigens volgens de bijbel van God kwam. Duidelijk wordt dat David echter door de Geest van God gezegend werd. Alles wat David ondernam lukte, waar Saul dan ook dankbaar gebruik van maakte. Daar waar David kwam, op de veldtocht of in het paleis, David bracht overal een andere sfeer. Een sfeer van hoop, hoop op de Heer. En ook nu leven we in een donkere tijd zou je kunnen hebben. Waarin hoop op een Redder, iemand die alles goed komt maken, wel onder druk staat.

We weten ook  dat David door Samuël is gezalfd, en dat gaande weg God's geest van Saul week. God voorzag in David een opvolger van Saul. Het bijzondere is echter dat je nergens leest dat dit grotere publiciteit werd gegeven. Na de zalving van David door Samuël gebeurde er verder niets. Saul ontdekte gaandeweg dat het speelveld anders ging liggen. Een clue die hij krijgt was het liedje dat het volk zong: 'Saul versloeg ze bij duizenden, David bij tienduizenden.' Saul ergerde zich er zo aan dat hij schamperde: '...nog even en ze geven hem ook nog het koningschap'.

Ondertussen ontsproot er tussen Jonatan, de zoon van Saul, en David een innige vriendschap. Misschien heeft David zijn zalvings-ervaring met Samuël wel verteld. We weten het niet. Maar Jonatan kreeg wel degelijk de haat van zijn vader voor David mee. Pleitte daarom bij Saul voor het leven van David. En Sauls vermoeden en constatering dat er zegen van God lag op David's ondernemingen.

Maar die mantel dan, was dat nu een teken van vriendschap, van ons-kent-ons, al het mijne is het jouwe? Ik moest denken aan het verhaal van Elia en Elisa. In 1 Koningen 19:19 lees je dat Elia Elisa aantrof terwijl deze aan het ploegen was, met 12 span ossen; Elisa liep achter het twaalfde span. Elia liep op hem af en gooide zijn mantel over hem heen... Typisch, die 12 span ossen. Meteen liet Elisa zijn ossen in de steek en rende achter Elia aan.

In 2 Koningen 2 lezen we over de 'machts overdracht' van Elia op Elisa. Elisa's inauguratie zou je kunnen zeggen. Hoe vond dat plaats? We lezen vanaf vers 8 dat Elia: 'Elia deed zijn mantel af en vouwde hem dubel. Hij sloeg ermee op het water, waarop het naar links en naar rechts wegvloeide en zij tweeën droog konden over steken'. 

Bij de weg: als jou werd gevraagd naar een doortocht wonder in de bijbel, waar denk je dan aan? Aan Mozes en de Rode Zee? In mijn jeugd werd ik zelf ook nog geraakt door het verhaal van Jozua en het volk door de Jordaan. Dus dat maakt twee. Deze zou ik niet genoemd hebben. En ook hier gaan ze door de Jordaan heen.

Kort gezegd werd Elia daarna opgenomen op een vuurwagen ('Go like Elijah when I go...') en liet kennelijk zijn mantel vallen. Elisa raapte hem op, en liep terug. Bij de rivier sloeg hij met Elia's mantel op het water. Toen het water ook nu weer naar links en rechts terug vloeide, was dit het teken voor de aanwezige andere profeten dat de geest van Elia op hem was overgegaan. Dus die mantel was bij Elia en Elisa een teken van de overdracht van functie of macht.

Als we nu terug gaan naar David en Jonatan, wie was logischerwijs, menselijkerwijs nu de beoogde opvolger van Saul? Een herder, de jongste zoon Isaï? Of de zoon van de koning zelf? Ik zou zeggen Jonatan. Maar kennelijk zag Jonatan ook wel in dat God anders beschikt had. En ik vermoed dat Jonatan zich daar van harte aan overgaf. En dat hij daarom zijn mantel en wapens aan David gaf. Om daar mee aan te geven: ik accepteer jou als nieuwe koning en mijn wapens zullen jou daarbij dienen.


Is dit belangrijk voor ons nu? Blijkbaar heeft Jonatan hier door dat de Gods plan met Israël en de wereld hier gaat via David. En misschien ook wel dat via David het uitzicht op de beloofde Messias was. En blijkbaar was het voor Jonatan geen schande om dat te accepteren. Hij voelde zich niet te min en ook niet aan de kant gezet. En daarin mogen we hem volgen. Want ook de uiteindelijke opvolger van David voelde zich niet te min om dienstbaar te zijn en zich te vernederen.

In elk geval vind ik het belangrijk om zo'n gebeurtenis eerst tegen het licht van de gebruiken uit die tijd te houden. Al ben ik daar geen expert in en ik zal er ook niet prat op gaan dat mijn analyse hierboven juist is. Maar pas als we begrijpen wat zo iets betekent in de cultuur en belevingswereld van die tijd, kun je daar conclusies over trekken in het hier en nu.

Tuesday, May 10, 2016

De naakte rode mens op de rode aarde

Concordant

De Naardense Bijbel is wat je noemt 'Concordant vertaald'. Dat houdt in dat woorden zo veel mogelijk steeds hetzelfde vertaald worden. In elke taal kunnen woorden meerdere betekenissen hebben. Dat overlapt niet vanzelfsprekend. Voor bijvoorbeeld 'Liefde' heeft zowel het Grieks en het Hebreeuws verschillende woorden. Bij het vertalen kom je in het Nederlands steeds op hetzelfde woord uit. Andersom kan natuurlijk ook, woorden in het Hebreeuws die je in het Nederlands met verschillende woorden kunt vertalen. Je moet dan als vertaler uit de context zien op te maken wat dan de bedoelde betekenis is. En dan vertaal je het de ene keer zus en de andere keer zo. Wanneer je met een grotere groep mensen vertaalt, moet je dan vertaal regels opstellen. Het komt nog al eens voor dat men een woord een aantal keren met de ene betekenis vertaalt, en op een enkele andere plaats met een andere. Dat hoeft niet erg te zijn, als uit de context duidelijk is wat de betekenis moet zijn. Wanneer de tekst aangeeft dat iemand op een bank zit, dan is het duidelijk dat het om iets anders gaat dan wanneer iemand er geld vandaan haalt. Maar soms is de context er niet duidelijk over en dan moet je als vertaler keuzes maken. Concordant betekent dan dat de vertaler consequent is in de gemaakte keuzes.
Het komt nog al eens voor dat een vertaler op een specifieke plaats een andere keuze maakt, omdat het voor hem theologisch beter uit komt. Dat is kwalijk. Maar het kan ook zijn dat door niet consequent vertalen je poëtische woordspelingen mist. Tot zover de theorie.

Rood


In de Naardense Bijbel wordt wat betreft betekenis maar ook wat betreft zinsbouw en tekstopbouw geprobeerd dicht bij de oorsprong te blijven. Dat geeft een aparte poëtische ervaring. Daar waar de poëtische achtergrond van woordkeuze in het Nederlands niet is over te brengen wordt dat met voetnoten aangegeven. Of door toevoegingen in de tekst. Zo lees je in Genesis steeds over de '-rode-  mens' en  '-rode- grond'. Het gaat hier dan om een woordspeling tussen de woorden 'adam' (mens), 'adama' (grond, bodem) en 'dam' (bloed). Hiermee wordt een verband aangeduid tussen de rood-bloedige mens, en de grond die door ijzeroxide rood is (denk aan bijvoorbeeld de kliffen van Engeland bij Dawlish) en bloed dat ook door het ijzerhoudende hemoglobine rood is.

Wanneer je dat door hebt, dan levert dat een fascinerend woordenspel op. Zo lees je dan in Genesis 2:5,6 en 7: '... want de Ene, God, heeft het nog niet doen regenen over het land en er is géén - rode- mensheid om de -rode- grond te dienen. Maar een damp klimt op van het land, en het heeft doordrenkt heel het aanschijn van de -rode- grond. Dan formeert de Ene, God, de -rode- mens, van stof uit de -rode- grond en blaast in zijn neusgaten ademhaling van leven; zo wordt de -rode- mens tot levende ziel.' De samenhang tussen mensen, aarde en leven komt zo sterk naar voren.

En dan lees je vervolgens in Genesis 4 van een Kaïn die 'dienaar van de -rode- grond' is geworden en van de vrucht van die '-rode- grond' als broodgift opdraagt aan God. Vervolgens weten we van zijn moord op zijn broer Abel. Maar door deze woordspeling tussen mens, bloed en grond komt het vervolg van het verhaal wel op een bijzondere manier 'tot leven'. Want in vers 10 en verder lezen we dan: 'Hij zegt: wát heb je gedaan! een stem! - stromen bloed van je broeder schreeuwen mij toe van de -rode- grond! Nu dan vervloekt jij, weg van de -rode- grond die haar mond moest opensperren om de stromen bloed van je broeder op te nemen uit jouw hand; ...'

We komen voort uit de aarde, we zijn er uit geformeerd en vergoten bloed sijpelt er weer in terug. In het Hebreeuws moet het een heel poëtisch gebeuren zijn, dat voel je wel.

Naakt

Maar die naakte mens dan? In de NBV lezen we in Genesis 2:25 en 3:1: 'Beiden waren ze naakt, de mens en zijn vrouw, maar ze schaamden zich niet voor elkaar. Van alle in het wild levende dieren die God, de Heer, gemaakt had was de slang het sluwst.' Hier valt je eigenlijk niets aan op, toch? Behalve dan dat ze naakt waren en daar kennelijk geen probleem mee hadden. En dat de twee verzen twee los van elkaar staande opmerkingen lijken te zijn. Vers 25 lijkt ook los te staan van vers 24.

Maar lees je hetzelfde in de Naardense Bijbel dan lees je: 'Ze zijn, zij tweeën, naakt, de mens en zijn vrouw; en zij schamen zich niet. Maar de slang is naakter geweest dan alle wild leven van het veld, dat de Ene, God, heeft gemaakt;' Hier valt in eens op dat 3:1 direct met 2:25 samenhangt. Zo zelfs dat je eigenlijk zou verwachten dat de hoofdstuk scheiding een vers eerder zou hebben moeten plaatsvinden!

Nu blijkt, volgens de Naardense Bijbel, dat het woord naakt en naakter ook de betekenis van 'ongekleed' en 'uitgekleder' (in de zin van sluwer). kan hebben. Misschien zou je kunnen zeggen 'onbedekt van lichaam' en 'onbedekt van geest'. Misschien is de mens in 2:25 wel 'onbedekt van lichaam' maar nog niet 'onbedekt van verstand'. We kennen het vervolg waarin de vrouw door de slang wordt verleid tot het eten van de vrucht van de 'boom der kennis van goed en kwaad' en haar man er ook van te eten geeft. Waarna ze in eens merken dat ze naakt zijn en een gordels van loof van een vijg maken om zich te bedekken.
Wanneer je dan zo concordant met het woord naakt omgaat, is het vervolg boeiend. Want dan lees je in 3:9-11: 'Dan roept de Ene, God, tot de -rode- mens en zegt tot hem: waar ben je? En hij zegt: uw stem heb ik gehoord in de hof, en ik werd bevreesd, omdat ik naakt ben, en verschool mij! En hij zegt: wie heeft aan jou gemeld dat je naakt bent, jij?'

Wanneer je het woord naakt laat staan,  kunt hier heel mooi die twee betekenissen door elkaar laten lopen. Want naast lichamelijk naakt, zijn Adam en Eva kennelijk ook verstandelijk onbedekt geworden. Ze hebben kennis verkregen over goed en kwaad. Ze zijn zo je wilt sluwer, of 'meer wetend' geworden. Ook in de bekentenis van Adam 'omdat ik naakt ben', hoeft het dan niet direct te gaan om het lichamelijke, maar juist ook om het verstand. Die naaktheid wordt over het algemeen ook negatief gelezen. We hadden immers niet van die boom moet hebben eten. Of zoals Pater Moeskroen zingt in 'Ode aan de banaan': "Was die appel een banaan geweest, dan was het nu nog altijd feest!'. Maar ik vraag me stiekem af of die verstandelijke naaktheid niet de bedoeling van God is geweest. Het brengt immers kennis van goed en kwaad. En door de bijbel heen lees je (als het goed is) een ontwikkeling in inzicht van goed en kwaad, weliswaar met ups en downs.

Je hoort nog wel eens van mensen dat ze de bijbel barbaars vinden. En dan duidend op de verhalen in het oude testament. Nu zijn die verhalen dat ook, maar in die tijd waren ze steeds een behoorlijke stap voorwaarts. Wij vinden ze nu barbaars, omdat wij ook verder zijn ontwikkeld in onze cultuur. Al blijven zo veel mensen ook wel hangen of gaan op basis van een lineaire lezing van de Bijbel en/of Koran juist terug naar die culturele oudheid.

Maar gemiddeld genomen zou je dus kunnen zeggen dat we ondanks onze mode, onze moderne kleding, door de eeuwen heen verstandelijk steeds naakter zijn geworden. En gelukkig maar. Want zo hebben we (over het algemeen) de slavernij al lang afgeschaft en kunnen we tegenwoordig onze homoseksuele medemens omarmen. Kunnen we genieten van anders kleurige mensen.

Laten we uitkijken dat we als mensheid die naaktheid niet verliezen. Ik ga voor verstandelijk nudisme...


Saturday, May 7, 2016

Het elfde gebod: gij zult genieten...

Nog eentje over de 10 geboden. Mijn ouders waren vroeger vrij gemakkelijk over de zondagsrust. Wij sloegen wel eens over en we aten wel eens een ijsje op zondag. Maar ik herinner me wel dat, hoewel het in mijn omgeving er al wat gemoedelijker mee om werd gegaan, de zondagsrust wel een discussiepunt was. Een ijsje kopen ging nog wel gepaard met: 'daar maken we geen gewoonte van'. En nog steeds vind ik dat winkelen op zondag iets onnodigs is. Al ben ik nog wel weer gemakkelijker geworden, door de tijd.

Maar is het niet apart dat als we het over de zondag hebben, we het hebben over wat we wèl en wat we níet mogen? En wat we bijvoorbeeld wel móeten doen? Moet je 1 of 2 keer naar de kerk? Mag je op zondag een rondje hardlopen?  Mag je op de fiets naar de kerk? Mag je huiswerk maken of nog een klusje voor je werk doen?

De reden achter dat alles is ook opmerkelijk: 'want in zes dagen heeft de HEER de hemel en de aarde gemaakt en de zee met alles wat er leeft, en op de zevende dag rustte Hij.' De Here God rustte? Van een uitputtende week waar in Hij gezwoegd heeft om de hemel en de aarde te maken, en het geploeter om al dat leven te maken en er levenskracht in blazen? Heeft de Here God rust nodig? Ik denk dat het wel een vraag is van een kritische bijbel lezer.

De regel uit de 10 geboden (Exodus 20), komt voort uit Genesis 2:2-3:  'Op de zevende dag had God zijn werk voltooid, op die dag rustte hij van het werk dat hij gedaan had. God zegende de zevende dag en verklaarde die heilig, want op die dag rustte hij van heel zijn scheppings werk.'

Nu lees ik sinds kort heb ik ook de Naardense Bijbel. En  daar las ik op dezelfde plaats: 'God voltooit op de zevende dag zijn werk dat hij heeft gedaan; hij houdt sabbat op de zevende dag van al zijn werk dat hij heeft gedaan. God zegent de zevende dag en heiligt die; want daarop heeft hij sabbat gehouden van al zijn werk, dat God geschapen heeft om te de doen.'

Hier in de Naardense bijbel wordt over God gezegd dat Hij de Sabbat hield. (Nu heb ik in Exodus 20 nog even gekeken, maar daar wordt in de Naardense Bijbel ook als reden gegeven dat God rust hield op de zevende dag). Wanneer in Leviticus 23 de hoogtijdagen, de feesten, van de Heer worden opgesomd, dan is de eerste die genoemd wordt de Sabbat. Dus de Sabbat is de eerste (en meest terugkerende) van de feesten van de Here.

Wat mij dus voorkomt is dat de Heer niet zo zeer rustte, alsof Hij moe zou zijn. Maar dat Hij sabbat hield. Rustten in de zin van Hij maakte/deed even niets. Maar misschien kun je zeggen dat Hij feest vierde, zich verheugde over wat Hij die 6 dagen gemaakt had. En misschien gaat het daar dan ook wel om. Dat de Sabbat, of in ons geval, de zondag, niet zo zeer gaat om wat je niet màg of móet doen. Maar dat je jezelf verheugd over wat je die week gedaan hebt. Hoe God je gezegend heeft om dat lastige probleem te tackelen, of het je gelukt is om te doen wat je jezelf voorgenomen had. Misschien ook dat die zware week weer achter de rug is. Je mag vrij zijn en je verheugen over het leven dat God je gegeven heeft.

En de dieren en de knechten (slaven) dan? En de vreemdeling die bij je woont? Tsja, hoe kun je nu zelf verheugd zijn op wat God je gegeven heeft als ondertussen je lastdieren en je knechten door blijven zwoegen? Die lastdieren en knechten zijn niet minder medeschepsels van diezelfde God als jij. Dus dat lijkt me niet echt een feest.

Hoewel ook in de NB in Exodus 20 gesproken wordt over God die rustte op de zevende dag, haalt deze gedachte bij mij de druk er wel vanaf. Ik vind het verheugender mezelf er op te wijzen hoe ik de Sabbat mag vieren en mag blij mag zijn over wat ik heb kunnen doen, dan de verplichting om te rusten en het verbod om ook maar iets constructiefs te doen.

Ik hoop dat jij ook zo de Sabbat of zondag mag vieren. Wees blij over wat je hebt kunnen doen de afgelopen week, de zegen die God je heeft gegeven. Ook al was het misschien zwaar: Hij heeft je weer door een week heen geholpen. Je bent er nog. En kijk uit naar het nieuwe wat je mag gaan doen. En zie je er tegen op? Degene Die leven geeft, gaat ook dan met je mee.


Friday, April 22, 2016

Technologie en Spiritualiteit

Deze week luisterde ik naar een interview met Scott Harisson de oprichter van Charity:water. Echt heel inspirerend. Omdat of doordat ik vanavond naar een avond over Geloof en Wetenschap met René Fransen kwam ik op een gedachte.

Eerst twee verhalen. Scott vertelde het verhaal van een jonge vrouw die 8 uur moest lopen om water voor haar familie te halen. Dat deed ze elke dag samen met vriendinnen. Op een dag kwam ze na uren lopen terug en vlak voor thuis komst struikelde ze en viel. Haar aarden kruik brak en al het water spoelde weg. Ze kon niet meer terug en durfde haar familie niet onder ogen te komen en verhing zich. Haar vriendin vertelde dat ze altijd een beetje 'anders' was in de zin van dat ze dromen had om dat leven te ontgroeien en verder te komen. Ze was nog maar 13 jaar....

Hij vertelde ook dat hij een andere vrouw sprak in een dorp waar inmiddels een put was. Ook zij moest in het verleden uren lopen om water te halen. En er was nooit genoeg water. Altijd moest ze de afweging maken: met welk deel ga ik koken, ga ik de school uniformen van mijn kinderen wassen, laat ik mijn man zich wassen? Er was nooit genoeg water. En omdat ze zichzelf wegcijferde en haar familie voorop zette, gebruikte ze nooit (of zelden) wat voor zichzelf. Door de put was er nu ruimschoots water en kon ze zichzelf en haar eigen kleren ook wassen. Ze zei: 'ik voel me nu weer mooi'. En Scott reageerde: 'maar natuurlijk ben je een mooie vrouw, je bènt mooi!'. 'Maar je begrijpt het niet', reageerde ze, 'Ik vóel me weer mooi.' Het water bracht haar weer eigenwaarde terug, ze kon weer ècht mens zijn, een ècht mooie vrouw.

Wat me nu trof is dat er technologie voor nodig is om die verhalen die tijdens een interview verteld werden tot mij te laten komen. Een laptop en een microfoon om het op te nemen. Een website en/of een app, in dit geval PodBean, om het interview als een podcast (RobCast in dit geval, ...  en ja inderdaad, voor degenen die mij kennen) te publiceren. Een smartphone en een app (wederom PodBean uiteraard) om de podcast te kunnen beluisteren. De podcast was opgenomen in America, aan de andere kant van de oceaan. Naast de computer om het op te nemen en de smartphone (in wezen ook een computer) zijn er ettelijke computers, servers genoemd, om de data met elkaar uit te wisselen. Over glasvezel, koperdraad en draadloze verbindingen. Denk ook aan de high-end microfoon voor het opnemen en de standaard oordopjes voor het afluisteren. Allemaal technologie, hardware en informatie technologie, die ontwikkeld zijn over de laatste 5 à 6 decennia. En om die technologie mogelijk te maken is wetenschap nodig. Natuurkunde, scheikunde, electrotechniek, fotonica, informatie technologie. Wetenschap en inovatie op allerlei lagen.

Oh, en Charity:water is een heel creatieve en innovatieve organisatie, die garandeert dat 100% van de donaties gebruikt worden voor het delven van putten en plaatsen van pompen. Alle overhead wordt bekostigd uit een aparte administratie, uiteraard ook weer gebaseerd op donaties. En ze plaatsen geo-tags om het met behulp van Google Earth mogelijk te maken om daadwerkelijk te zien waar er putten gegraven worden. En ook zij maken gebruik van een slimme website met acties waarbij je een verjaardagsactie kunt starten.

Dat alles om twee verhalen naar mij te brengen die mij raken. Verhalen over mensen vanuit een omgeving die juist is verstoken van elementaire technologie. Verstoken van elementaire randvoorwaarden om een menswaardig bestaan op te bouwen. Diezelfde technologie maakt mij ook mogelijk om een nieuw inzicht te verkrijgen, en nieuwe gedachten, en daar weer enthousiast over te worden. En maakt het ook mogelijk om die gedachten te delen.

Waarom wordt ik enthousiast om iets? Wat geeft mij het gevoel van geraakt zijn door een verhaal? Wat maakt mij wie ik ben? Alleen een hoeveelheid weefsel dat bestaat uit cellen, die bestaan uit moleculen, die bestaan uit atomen, die weer zijn opgebouwd uit sub-atomaire deeltjes en een heleboel ... niets?! Wist je dat atomen en de sub-atomaire deeltjes voor meer dan 99% bestaan uit absoluut niets? En dat wat niet niets is, wat je dus feitelijk massa zou kunnen noemen, ook weer vreemd gedrag vertoont? Het is uitwisselbaar met energie en soms gedraagt het zich als een golf. Soms gedraagt licht, dat electromagnetische straling en dus golven zijn, zich als deeltjes. Astronomisch, verstand oversteigend. En daar bestaan ook wij uit. En toch kan ik voelen, enthousiast maar ook geraakt en verdrietig zijn. En interactie ervaren met persoonlijkheden die groter zijn dan ik.

Dus Geloof en Wetenschap zouden niet samen gaan? Ik dacht en denk nu juist van wel....

Wednesday, April 20, 2016

Ook het derde geslacht en het vierde ... ! Wat ... is?

Gelukkig gebeurt het bij ons in de kerk niet elke zondag: het voorlezen van de 10 geboden, maar het komt wel voor. In de NBV begint het, vanaf Exodus 20, als volgt:
Toen sprak God deze woorden: 
Ik ben de Heer, uw God, die u uit Egypte, uit de slavernij, heeft bevrijd.
Vereer naast mij geen andere goden.
Maak geen godenbeelden, geen enkele afbeelding van iets dat in de hemel hier boven is of van iets beneden op de aarde of in het water onder de aarde. 
Kniel voor zulke beelden niet neer, vereer ze niet, want ik, de Heer, uw God, duld geen andere goden naast mij. Voor de schuld van de ouders laat ik de kinderen boeten, en ook het derde geslacht en het vierde, wanneer zij mij haten; 
maar als ze mij liefhebben en doen wat ik gebied, bewijs ik hun mijn liefde tot in het duizendste geslacht.

Zo hé, da's best wel heftig. Wat is dat voor een god die kinderen, klein- en achter kleinkinderen straft, voor iets dat ìk gedaan heb? Zou je kunnen denken. Deze week kwam ik weer langs Exodus 19 en 20. Ik ben namelijk weer overnieuw begonnen met de bijbel, nu in de New International Version.

En weet je wat mij trof? Het 'Toen sprak...' en vooral wat daar voor kwam. Want wij lezen in de kerk altijd vanaf 20:1. En het feit dat daar een nieuw hoofdstuk begint helpt natuurlijk ook al niet.
Maar dat 'Toen'  verwijst dus naar Exodus 19. Wat is daar gebeurd?

De Israëlieten kwamen na 3 maanden (op precies dezelfde dag dat ze vertrokken waren) in de Sinaï woestijn. En daar op de berg riep God Mozes toe (ook wel apart: God riep  naar Mozes), dat Hij Israël 'op adelaarsvleugels heeft gedragen' en daar heeft gebracht. Hij belooft hen tot een kostbaar volk, een koninkrijk van priesters te maken, als ze en verbond met Hem zouden houden, een heilig volk. Mozes legde dat voor aan de oudsten. En het hele volk antwoordde als uit één mond: 'We zullen alles doen wat de Heer heeft gezegd'. Mozes bracht dat over aan God en God droeg hem op om er voor te zorgen dat het volk zich zou heiligen en hun kleren wassen. Er staat ook nog expliciet bij dat ze geen sex mochten hebben... Op de derde dag moesten ze gereed zijn. Op die derde dag kwam God in vuur naar beneden, de Sinaï was in rook gehuld, en de berg trilde hevig. Mozes moest een paar keer heen en weer om te zorgen dat het volk niet te dicht bij zou komen en om uiteindelijk met Aäron terug te komen.

Toen sprak God deze woorden...

Wanneer en tegen wie sprak God deze woorden? Tegen een volk die Hij op dat moment apart ging zetten. Tijdens een plechtige ceremonie, tegen een volk dat toegestemd heeft zich aan God te verbinden en dat zich voor die plechtige ceremonie heeft geheiligd, gewassen (en zich onthouden van...). Veel bijbel/thora geleerden zien dit als een huwelijk. Israël wordt ook gezien als een bruid. Het huwelijk wordt op veel plaatsen in de bijbel als metafoor gebruikt, voor de relatie tussen God en Israël. Het is niet voor niets dat Hosea moest trouwen met een prostituee.

Er wordt hier een verbond gesloten, een huwelijksverbond. Met zegen maar ook met consequenties. En de belangrijkste overtreding is natuurlijk het schenden van dat huwelijksverbond door het te doen met een ander. Andere Goden. Dat is het meest denigrerende ten opzichte van je partner. Maar de sancties (net als de zegen overigens) geldt dus ook alleen voor de huwelijkspartners. Zij sluiten dat verbond. Wij westerse Christenen vallen volgens mij niet onder dát verbond.

Het is ook een verbond tussen een volk en God, niet tussen één mens en God, maar een heel volk. Dus je stond niet alleen in dat verbond, maar met je hele familie en je hele stam, maar met 12 stammen in totaal. En dus als er iemand over de schreef gaat, dan zit je daar met je nageslacht in. Je neemt de goddelijke ontrouw mee je gezin en je familie in.

Oh, en dat verbond was ook niet een op zichzelf staand feestje: priester ben je namelijk niet voor je zelf. In dat priesterschap ligt tenslotte ook nog de belofte aan Abraham, dat in zijn nageslacht àlle volken gezegend zouden worden.

In de oudheid wist je niet waar je aan toe was met de goden. Of je nu een goede oogst had of een slechte oogst. In het ene geval moest je meer offeren dan de vorige keer om je dankbaarheid te tonen. In het andere geval moest je meer offeren, want kennelijk was de vorige keer niet genoeg. En zo offerde je meer en meer. En uiteindelijk kom je er op uit dat je het belangrijkste offert dat je bezit: je kinderen. Dus als je op slechte voet staat met je god, wat doe je dan?

Maar zelfs als je kijkt naar de straf tot in het derde en vierde geslacht: er is kennelijk een derde en vierde geslacht! Want wat moet er gebeuren voor God om dat tweede tot en met het vierde geslacht te kunnen straffen? Dat moet er dan dus zijn. Dus als ik (als ik Israëliet was) over de schreef ging, dan  wilde God mijn kinderen niet, in tegendeel: kennelijk was er voor mij nog nageslacht!

En die straf had kennelijk ook een einde: tot het vierde geslacht. Radicaal anders dan de verwachting dat je om het met je god goed te maken je kind moest offeren. Blijkbaar heeft God hoop voor dat nageslacht en wil Hij dat weer op de rit krijgen.
Maar de zegen, Gods Liefde, is kennelijk schier oneindig. Dus zelfs op basis van de 10 geboden moet ik concluderen dat er een einde is aan Gods straf. En dat die rechtmakend bedoeld is.

Overigens, dat volk heeft vrij vlot na dat huwelijksverbond het al overtreden met een kalf. En met het ongeloof om Kanaän in het bezit te nemen. Waarvoor ze 40 jaar (1 generatie) in de woestijn hebben rond gezworven. En later zijn ze na een aantal weerspannige, onbetrouwbare koningen in ballingschap gestuurd. En dat heeft zo'n 60 tot 70 jaar geduurd (pakweg 2 generaties).

Kortom, de 10 geboden. Een huwelijks contract tussen God en het volk Israël. Een God die zich in die tijd al heel zegenend en zorgzaam heeft getoond. Maar die Zich later nog veel liefdevoller heeft betoond. We hebben God immers heel anders leren kennen.

Dat je vooral Zijn Liefde mag leren kennen, die Hij ook heeft belooft aan de volken.



Wednesday, March 9, 2016

Wat is de bijbel?

Een paar weken geleden kreeg ik van een vriend een link naar de blog van Rob Bell, die hij helaas inmiddels ook al weer gestopt is. Maar daarop staat een fantastische reeks aan blogjes over de bijbel, wat de bijbel is, hoe die ontstaan is, hoe je hem moet/kunt lezen, wat je aan moet met lastige verhalen, etc. Ik ben sinds een week aan het lezen en kan bijna niet meer stoppen.

Deel 1 begint hier: 'What is the bible part 1'. De artikelen zijn zo boeiend en bruikbaar voor bijvoorbeeld catechese en bijbel kring dat ik hier onder een lijstje wil gaan bij houden met alle artikelen.

DeelTitel
1Someone Wrote Something
2Flood
3Fish#1
4Fish#2
5Tower
6Son
7The Revolutionary Nature of the Book of Leviticus
8Stoners and Swingers
9Adam and Eve
10The Power of a Poem
11How We Got It
12Tribes and Violence
13Consciousness and Violence
14What are you going to do with Stuart?
15Everybody Loves Stuart and Luscious
16Awkward
17Assumptions and AA Meetings
18Our Dude is Alive!
19The Verse That Blows The Roof Off The Joint
20Questions, Questions
21In Air, In Sea
22The Word of God, Baby.
23Why this Library? PartA
24Why this Library? PartB
25Larry At The Airport
26Highlights, Favorites, And Exercises in Absurdity
27What’s the Deal with All Those Genealogies?
28Authority
29Mother Mary and Rage Against the Machine: A Limited Edition Christmas Special
30The Genius of the Dogs and Pigs
31Inspiration
32The Importance of Altitude
33Moses Gets It On
34Do What with Our Whats? Section A - The Case for Smoking Firepots.
35Do What to our Whats? Section B - Bite Down Hard, My Man
36Do What to our Whats? Section C: I Wish They’d Cut Theirs Off
37Kurt Cobain and the Book of Revelation
38We Lost Him, And Then We Didn’t
39Give It Up For Sidon!
40The Evolution of a Census
41Paul and the End of the World
42Sheeeeeeeet
43Exactly How Narrow?
44All Things are Yours
45The Two Kinds of Apocalypse
46All Things Are Yours, Part 2
47Guns, Sons, Kids, Minds, and Money.
48Allow Me to Introduce You
49Here is the World
50Buechner Week Rolls On!
51Greatest Hits
52It’s Friday My Friends
53A Shout Out To the Lonely
54Predestination, Election, and that Burning Feeling in the Pit of Your Soul
55Participating in the Divine Nature (Adventures in Your True Foosis!)
56Welcome to the Tradition
57Suffering, Biff, A Seat at the Table, And a Nod to Zeus
58Who paid Jesus’s bills?
59Sin.
60You’re Gonna Hear me Rohr
61Ananias and Sapphira
62Sheep and Goats
63Contemplation
64Eat and Drink What?
65What’s the Deal with Binding and Loosing?
66You Gotta Meet This Man
67The Whole Melchizedek Thing And Why You Love it and Know That it’s True
68Wrath and Inclusion
69Bearing the Sword in Vain. Kind of.
70Wear the Shirt.
71 Ever Read the Bible and Thought, There Must Be Some Background I’m Missing Here?
72The Question That Keeps Coming Up
73You At The End Of You
74The Reason Why People Miss the Point of the Good Samaritan Story
75Ja, het zijn er wel 75!

Wellicht dat ik in de (nabije) toekomst nog eens wat schrijf over de verschillende artikelen.

Oh ja, een aantal artikelen bijv. 29, 48 en 53 hebben geen vooruit linkje. Dan komt bovenstaande tabel wel van pas...
En mocht je een foutje zien, dan hoor ik het graag.

Tuesday, July 7, 2015

Met de gersteoogst in Bethlehem aankomen

Tsjonge, ik schrijf niet meer zo vaak op mijn persoonlijke blog. Een inhoudelijk artikeltje is al weer een tijd geleden. Het leek wel vorige week of vorig jaar dat ik aanliep tegen een opmerking in Johannes 6 "het was vlak voor Pesach", bij de spijziging van 5000.  Maar dat was dus al in 2010...

Afgelopen zondag werd het verhaal van Naomi in de preek verwerkt. En het eerste hoofdstuk eindigt met de opmerking "en ze bereikten Bethlehem aan het begin van de oogst van de gerst".

Dit is precies zo'n aanduiding, waar we als westerse Christenen gewoon overheen lezen. Als een basale, niet ter zake doende tijdsaanduiding. Maar ik dacht aan scenes in films als "National Treasure" en de "Indiana Jones"-cyclus, waar in op een doodlopend spoor in een muur op een geheime knop gedrukt kan worden en er een eeuwen oude geheime deur geopend wordt. Dat is ook hier het geval.

Want Israël is/was een landbouwvolk en alle bijbelse feesten (die eigenlijk het heilsplan blijken te vertellen) vinden plaats rondom het zaai-en-oogst jaar. De gersteoogst is de eerste oogst van het landbouw jaar en het eerste feest vind dan ook plaats: Pesach. Daar worden de eerstelingen van de gersteoogst geofferd. De eerstelingen van de tarweoogst komen bij het wekenfeest (Pinksteren) aanbod. Met dat in het achterhoofd is de tijdsaanduiding in Ruth 1 wel heel tekenend. Want Ruth en Naomi komen vanuit een beroerde tijd terug in Israël. Deze tijdsaanduiding geeft in eerste plaats aan dat er andere tijden komen. Eerstelingen geven aan dat er ook een rest is. En een eerste oogst geeft aan dat er nog meerdere na komen. Voor Ruth breekt er met die eerste oogst andere tijden aan. En in die aanloop naar haar relatie met Boas speelt de oogst ook een belangrijke rol.

Maar denk je ook nog eens in dat Ruth met Boas de ouders zijn van Obed, die de vader was van Isaï, die de vader was van David, die de (voor-)vader is van de Zoon van David. En, oh ja, waar werd die ook al weer geboren? In Bethlehem. Nu zijn er verschillende tijdsaanduidingen van de geboorte van Jezus. Er wordt gezegd/gezongen dat hij in een (mid-)winternacht is geboren. Maar mij lijkt het om verschillende redenen waarschijnlijker dat hij in het voorjaar is geboren. Stel je nu eens voor dat Jezus met Pesach is geboren (wat ik vermoed). Wie komen er dan met de gersteoogst ook in Bethlehem aan? Juist: Jozef en Maria! Klopt dat dan niet fantastisch met die tijdsaanduiding in Ruth 1? Ik zou bijna willen beweren dat juist Ruth 1 suggereert dat Jezus met Pesach is geboren (ik erken: het is bij lange na geen bewijs). Maar Jezus is in de tijdslijn wel de ultieme eersteling, waar Ruth 1 een aanleiding voor is. En bedenk dat als Jezus de eersteling voor de eerstelingen van Pinksteren is, dan volgt er een rest. Dan is het aankomen bij de gersteoogst in het broodhuis (Bethlehem) het ultieme begin van het einde. Daar drink ik maar een (liefst eigen gebrouwen) gerstenat op!

Saturday, November 2, 2013

Vissers èn jagers hebben de toekomst

Laatst las ik Jeremia 16, in mijn persoonlijke project ‘Kaft-tot-Kaft-Versie HSV’. Jeremia is geen vrolijk boek, en hoofdstuk 16 is in eerste instantie geen uitzondering. Jeremia krijgt de opdracht om in zijn leven de boosheid van God uit te werken. Hij mocht niet trouwen en kinderen krijgen in het land, niet mee rouwen of feestvieren. Dit alles omdat God klaar was met Israël. Israël was ontrouw, ging andere goden achterna en het is he-le-maal over. Niets meer aan te doen.

Wat mij trof was in vers 7 de stelling: “Niemand zal voor hen die rouwen brood breken om hen te troosten, niemand zal hun als troost een beker aanreiken, zelfs al rouwen ze om hun vader of moeder. ” Wat mij trof was dat voor zover ik me kan herinneren dit de eerste plaats in de bijbel is waar wordt gesproken over het breken van brood. In Exodus 12 en Deuteronomium 16 lees je over de instelling van het paasfeest (Pesach). Maar daar wordt alleen gesproken over het eten van ongezuurde broden. Later is daar blijkbaar het ritueel van het breken van brood bijgekomen.

Bij het breken van het brood denk ik in eerste instantie aan het laatste avondmaal, waarin Jezus het brood breekt met zijn vrienden. Koppelend aan Jeremia 16 is het opvallend, dat men het brood blijkbaar brak met rouwenden, die een dierbare hebben verloren. Maar Jezus leefde nog en hij koppelde het brood expliciet aan zijn eigen lichaam, dat hij over gaf. Ook lees ik in Exodus en Deuteronomium niets over het drinken van wijn. Maar volgens deze tekst in Jeremia is dit blijkbaar wel gekoppeld aan het rouwen. Nu is Pesach wel een herdenkingsfeest, waarin men terugdenkt aan verdrukking en de bevrijding viert. Maar dat werd Jeremia nu expliciet verboden, want God was niet meer van plan medelijden met Israël te hebben. Hij zou hen geen genade bewijzen. Over en uit. Zou je denken.

Maar, heel opmerkelijk, er is een ‘totdat’. Er zal een tijd komen dat men niet meer terugdenkt aan de bevrijding uit Egypte, maar aan een bevrijding uit de ballingschap! En dan verklaart God iets bijzonders: Hij gaat vissers oproepen om zijn volk terug op te vissen, en jagers om zijn volk terug bij een te jagen. En wie riep Jezus als zijn eerste leerlingen? Lees Mat. 4:19 maar: Simon en Andreas, een paar vissers. En daar wilde hij ‘vissers van mensen’ van maken!

Bij het breken van het brood denk ik ook aan de eerste wonderbare spijziging. En die vond volgens Johannes niet voor niets plaats vlak voor Pesach/Pascha. Typisch, daar vind je dus ook die koppeling. Toen die maaltijd voor bij was, ‘vulden ze twaalf manden met wat overgebleven was van de vijf gerstebroden die men had gegeten.’ Die twaalf manden kun je weer betrekken op de 12 stammen van Israël. En ik neem aan dat die manden vol waren. Dus niet maar zomaar een paar mensen uit alle stammen worden bij elkaar verzameld, maar ik verwacht dat heel Israël weer terug verzameld wordt. Tekenend daarbij is ook de reden die Jezus daarbij opgeeft: “…zodat er niets verloren gaat.”.

Dus het lijkt in Jeremia (en bij andere profeten) behoorlijk uitzichtloos. En dat is ook de bedoeling! Want we hebben behoorlijk op onze falie nodig, als ik het vrijmoedig even op onszelf als niet-Joden betrek (want het gaat hier primair over het joodse volk). Menselijk gezien is het ook over en uit. Maar bij God is er dan nog steeds een ‘totdat’. Uiteindelijk zorgt Hij tòch weer voor vissers en jagers, aangestuurd door een Timmerman. En verzamelt Hij iedereen weer bij elkaar.

Sunday, August 25, 2013

Vul de Lucht

Sinds de tijd van internet zoek ik nog wel eens muziek op die ik vroeger op bandjes had. En zo af en toe raak ik weer “in de ban” van zo’n artiest of band. Een paar jaar geleden zocht ik zo de muziek van Hothouse Flowers bij elkaar. Het is een Ierse band uit Dublin, met lijntjes naar U2. Ik kreeg de eerste twee cd’s rond 1991 eens te leen van de bassist van het bandje waar ik in speelde. Voor de vakantie kwam ik in een “Hothouse Flowers”-periode. Ik had het eerste album “People” al eens voor mijn verjaardag gekregen. Op het album “Home” staat een (volgens mij) ongeëvenaarde versie van “I can see clearly now”. Als dit je “Lee Towers” associaties oplevert, luister eens naar hun versie.
Maar het mooiste album vind ik “Songs from the rain” uit 1993 alweer, een album dat ze zo op een Christelijk Festival kunnen spelen.


Een prachtig lied van dat album is “Isn’t it amazing”, met als refrein:
And every cry is a song
And every song is a prayer
And every prayer must be heard
Fill the air”.


Dit is een refrein dat mij raakte. Ik heb ooit eens in een studie gehoord dat God een God voor de roependen, voor de verdrukten is. Mooi is dat bijvoorbeeld verwoord in Exodes 2:24,25: “24 God hoorde hun jammerkreten en dacht aan het verbond dat hij met Abraham, Isaak en Jakob had gesloten. 25 Hij zag hoe de Israëlieten leden en trok zich hun lot aan.” Dat thema kom je keer op keer in de bijbel tegen. Bijvoorbeeld ook als God’s volk in ballingschap is. Daar waar mensen God aanroepen, trekt Hij zich de moeite aan.  


Mooi vind ik dat Liam O’Maonlai (de zanger) de roep, schreeuw een lied noemt. Veel Psalmen zijn ook liederen van uit moeite, een roepen tot God. En Fransicus van Assisi noemde “zingen” al “bidden”. En zal God onze gebeden niet aan horen? Ik zie het in de tekst niet staan, maar volgens mij zingt hij aan het eind op de cd ook “And every prayer will be heard”.


Zo brengt dit lied mij wel aan het filosoferen.


Het laatste lied van de cd heeft als refrein:
Stand beside me God
Stand beside me
Stand before me
And behind me
Hier klinkt psalm 139 in door. Liam zingt dan “So I can follow in love” en aan het eind “So I can be true to my word”. Het eerste couplet gaat over iemand die leefde “door de pagina’s van onze tijd” , gekend als een man van waarheid, “Puur en Subliem, komt vanuit de aarde en uit de luchten, vanuit de vier hoeken van het kompas en in onze levens”. “Hij is gevolgd, hij die waarheid is, naar wat er is om in te geloven, naar de geest van jou”. Als ik dat lees, komt er maar één Naam in mij op.


Na het lied “Isn’t it Amazing” komt het lied “Thing of Beauty”. Iemand in Amerika heeft hier op een mooie video gemaakt op Youtube als een onderdeel van een serie over “vreugde” in hun kerk.
Wat het laat zien is dat je God terug ziet als lied door de hele schepping heen.
Voor de vakantie keken we met onze kinderen het filmpje “Rhythm” van Rob Bell’s Nooma series. Daarin legde hij ook uit dat hij God niet altijd ziet in dagelijkse dingen. Sommige mensen zien God aan het werk als iets wat ze graag willen hebben in de aanbieding is. Of als er een parkeerplaats bij de kerk vrij komt. Dat is natuurlijk mooi. Maar andere mensen hebben moeite met God in dergelijke dingen te zien. Rob ziet God meer als een Lied dat je kunt horen in de schepping. Overal om je heen kun je dat zien. Volgens Liam:  “Door de stoom van je adem in de winter. Of als de zon een betovering legt over de weg voor je”. “A thing of beauty is not a thing to ignore. Great song of beauty”.


En die zelfde “Lied van Schoonheid”, neemt onze liederen van moeite en pijn op. Luistert en reageert. We leven in een spannende tijd. Waar mensen Hem aanroepen, moet er wat gaan gebeuren. Dus ik moet wat met die regel “Fill the air”.


Groet,
Martien


Ps. Deze is voor Vera: sinds mijn “Hothouse Flowers”-periode ook fan. Vooral van “Isn’t it Amazing” en “I can see clearly now”.

Sunday, June 30, 2013

De weg naar de Eeuw

In Amersfoort zijn een aantal wegen en straten genoemd naar plaatsnamen. Zo hebben we een Amsterdamseweg, een Bunschoterstraat en een Arnhemseweg. De Bunschoterstraat heet niet zo omdat hij 'Bunschoots' is: aangelegd door Bunschoters. Ook ligt hij niet in Bunschoten (althans niet voor het grootste deel). Hij heet zo omdat hij van Amersfoort naar Bunschoten leidt. Dat gold vermoedelijk ook zo voor de Amsterdamseweg en de Arnhemseweg.


Hier moest ik vanmorgen, 23 juni, aan denken toen we bij het einde van Psalm 139 aan kwamen: "en leid mij over de weg die eeuwig is." (vers 24). Het woordje eeuwig is in bijbels, theologisch opzicht een lastig woordje. Er is heel veel over gediscussieerd. In het Grieks gaat het om het bijvoeglijk naamwoord "Aeionioon", afgeleid van het woord "Aeioon". In het Hebreeuws (de grondtaal van de Psalmen, maar dat ik helaas niet beheers) gaat het om "Olam". De discussie gaat er dan om of "Aeioon" en "Olam" altijd-durend betekent. Het Nederlands is een beetje raar daarin. Een eeuw heeft bij ons de betekenis van honderd jaar. Een lange maar behoorlijk gekwantificeerde en zeker ook afgemeten periode. Een eeuwigheid heeft een meer flexibele periode. Een saaie werkdag kan een eeuwigheid duren. Maar ook een saaie preek van drie kwartier. Of een gesprekje van 10 minuten met iemand waar je niet op zit te wachten. Maar het kan ook een eeuwigheid duren voor ik een taal onder de knie krijg, een aantal jaren dus.
Hoewel het einde schimmig is: je kunt vaak niet weten wanneer het aanbreekt, maar over het algemeen gaan we ervan uit dat een eeuwigheid wél eindig is. En dat is precies wat ik heb geleerd dat de betekenis van de woorden "Aeioon" en "Olam" is.
Maar veel theologen zijn het daar niet over eens en menen dat je het wel degelijk als "altoosdurend'  moet lezen. In elk geval is het bijzonder dat het Nederlandse woord "eeuwig"  dat wél ineens betekent!  En lastig is het weer om van "eeuwigheid" een bijvoeglijk naamwoord te maken.


Maar als we het dan hebben over de "eeuwige weg" betekent dat dan dat de weg "eeuwig" duurt? Nog los van of je dat als "altoos", "eindeloos" of "heel erg lang" durend leest. Zegt het woord "eeuwig" hier iets over de weg zelf? Dan kun je jezelf nog afvragen of dat dan slaat op hoe lang de weg bestaat of hoe lang de weg is...


Grappig dat je zo over de betekenis van woorden kunt nadenken. Zo had ik het er vanmorgen ook met een paar mensen over dat ik in 2011 mijn auto moest laten repareren. Ik had schade gereden en moest daarvoor naar een "autoschadeherstelbedrijf". Zo heet dat bedrijf ook echt. En daar naar toe rijdend bedacht ik me dat het wel een heel raar woord is: ik wilde namelijk niet dat de schade aan mijn auto hersteld werd, maar mijn auto zelf...


Terug naar de "eeuwige weg" denk ik dat het woord " eeuwig" misschien meer duidt op waar de weg naar toe leidt. En dan kom je op een andere betekenis van "Aeioon" die dichter bij ons woord "eeuwigheid" ligt, namelijk "tijdperk". Het tijdperk dat na deze "boze eeuw" aan zal breken. Het tijdperk waarin alles gaat volgens God's principes. Waarin we naar elkaar omzien. En beter zorgen voor zijn schepping. En de weg daar naartoe is dan het leren daarin onze rol in te nemen. Hoe wij steeds meer volgens Zijn principes kunnen leven.
En daar liggen volgens mij twee mooie gedachten achter.
1. We hoeven het niet meteen te kunnen. Op de "eeuwige weg" wandelen betekent niet dat je al op je bestemming bent. Maar wel dat je steeds dichter bij je bestemming komt, ook al kunnen we het doel nog niet zien. Met andere woorden: we hoeven niet al perfect te zijn in Gods ogen. We worden getraind om steeds meer keuzes volgens zijn principes te maken.
2. Dit geeft ons leven zin. Immers we dwalen niet wat rond totdat het op een bepaald moment God behaagt om een eind aan deze wereld te maken en ons in eens over te zetten naar zijn nieuwe wereld. Nee, het is een weg er naartoe waarop we mogen leren hoe we straks in die vernieuwde wereld kunnen leven.


En het mooiste dat we uit het vers in Psalm 139 kunnen lezen is dat we niet zelf onze weg hoeven te zoeken. David bidt dat hij de weg op geleid mag worden. We gaan die weg niet alleen, maar Hij leidt ons. De eeuwige weg: de weg naar De Eeuw.

Tuesday, September 4, 2012

Open je ogen

Afgelopen zondag hadden we startzondag in de kerk, met als thema "Open your Eyes".
Freddy Gerkema had een preek over 2 koningen 6, Elisa's optreden in de oorlog tegen Aram. Mooi verhaal, waar in Elisa een paar keer bid voor het openen en sluiten van ogen. Soms, moeten je ogen geopend worden voor dingen die je niet ziet. Bijvoorbeeld, voor iemand in je omgeving die je niet zo ziet zitten. Of voor een taak in de kerk, waar je jezelf misschien nog niet meteen in had gedacht.

Allemaal goede gedachten als je uitgaat van het "openen van ogen". Maar ik zie er zelf een heel ander thema in. Want wat gebeurt er eigenlijk? Israël werd lastig gevallen door vijanden. En aangezien Israël God's volk is, is zo'n aanval (vaak) ook tegen God gericht. Dat wil zeggen, daar waar Israël ook zichzelf heeft opgesteld als God's volk. Want daar ging het nog al eens mis, weten wij.

In eerste instantie werd Elisa steeds gewaarschuwd waar de koning van Aram (Sirië) een aanval beraamde. En hij briefde die waarschuwing weer door naar de koning van Israël die daar maatregelen tegen trof. De koning van Aram werd daar verbolgen over en toen hij vernam dat Elisa daar achter zat ging hij naar hem op zoek. Hij kwam bij Dotan uit. Over de aanstaande aanval op Dotan werd, opvallend, Elisa niet door God ingelicht. Dus toen zijn knecht de volgende morgen dat vernam, was hij verontrust. Daarom vroeg Elisa God hem de ogen te openen, waarna hij zag dat ze beschermd werden door "heuvels vol met paarden en wagens van vuur".

Toen de Arameërs op Elisa afkwamen vroeg hij God hen de ogen te sluiten. Blijkbaar herkenden ze hem vervolgens niet meer en Elisa leidde hen naar Samaria. Toen hen de ogen weer geopend werden, zagen de Arameërs waar ze terecht waren gekomen. De koning van Israël wilde hen doden, maar Elisa liet dat niet toe, maar hij liet de koning hen een maaltijd voorzetten. De koning deed dat echter overvloedig (hij ging dus blijkbaar verder dan wat Elisa suggereerde). En vervolgens stuurde hij hen terug naar huis. De Arameërs deden geen aanvallen meer.

Wat is er gebeurd? Door voorspraak van Elisa heeft Israël van vijanden vrienden gemaakt! Het sluiten en openen van ogen heeft dus hier tot gevolg dat God via zijn volk van vijanden vrienden heeft gemaakt.

Ik hoor dat nog al eens als argument. Dat er mensen zijn die gewoon niet voor God willen kiezen. En dat ook nooit zullen willen. Maar waarom zou God niet in staat zijn om die mensen op een creatieve manier over de streep te trekken? Dit is een prachtig voorbeeld, nota bene uit het oude testament, waar Israël tot zijn doel komt. Waar God doet wat Hij voor ogen heeft. Is dit niet Openbaringen 22:17 in actie? Waar de Geest en de Bruid (Israël) zeggen: "Kom"?

Friday, June 8, 2012

De filosofie van Jezus

Dat het nieuwe testament in het Grieks is geschreven is niet zo evident. Het maakt de scheiding met het oude testament haast fysiek. Ik houd niet van die scheiding, en ook niet van de benamingen testamenten. Het zijn namelijk geen testamenten en het zijn niet twee verschillende boeken. Het is één boek. Dus het NT is eigenlijk een Hebreeuws, Joods boek. Dat je pas ten volle gaat begrijpen in de context van het OT. Want Jezus was een Joodse rabbi die leerde vanuit de geschriften die ze toen hadden.

Als je de kaart van de middellandse zee bekijkt dan zie je rechtsboven Klein Azië en links daarvan Griekenland. Rechtsonder heb je Egypte. De Grieken beheersten dit hele gebied zo’n 3 eeuwen voor Christus. Dit had Alexander de Grote bewerkstelligd. Hij had de stad Alexandrië in Egypte gesticht waar het Mousseion werd gesticht daaraan vast de Bibliotheek van Alexandrië.  Dit werd het wetenschappelijk centrum. Vandaar uit verspreidde de wetenschap zich. En in het midden daarvan, tussen Klein Azië en Egypte lag/ligt het wonderlijke landje Israël. En het kan niet anders dat Israël daardoor beïnvloed werd. Er werd door de Grieken al eeuwen intensief nagedacht over het ontstaan van de wereld en alles daarin. Ik schreef eerder al eens over de oerstof van Thales van Milete, die hij “archè” noemde. In openbaringen hoor je Jezus zeggen “Ik ben het begin en het einde…” Eigenlijk zegt Hij: “Ik ben de archè”, die oerstof waar jullie het over hadden.

Na Thales kreeg je filosofen die zich meer druk gingen maken over de ethiek en politiek. En hoe je anderen kunt overtuigen. De redenaarskunst kwam op en werd als een belangrijke vaardigheid gezien. Rondreizende filosofen verdienden geld met het opleiden van “rijkeluiszoontjes”. Het ging daarbij niet om de waarheid, maar om hoe je de ander kon beïnvloeden.

Weer later kreeg je filosofen die verder gingen over het “zijnde”, over alles wat we om ons heen zien. Kunnen we dat “kennen”? Kunnen we het “kennen” kennen?  Is kennis wel mogelijk? En wat is rechtvaardigheid, wat is waarheid? En wat is de weg daarnaar toe? Is de menselijke natuur goed, of kwaad? Eigenlijk allemaal vragen naar de waarheid, naar het leven. En wat dat nu precies is, en of je het wel kunt kennen. Klinkt je dat misschien allemaal onzinnig? Of ongrijpbaar? Waarom zou je je daar druk om maken? Tsja, dat is het misschien ook wel. Maar besef dan dat de basis van onze wetenschappen daar liggen.

Maar Jezus vond het blijkbaar geen onzin. Want wat hoor je Jezus in Johannes 14 zeggen? Stop met zoeken want:“Ik ben de weg, de waarheid en het Leven... ”

De bijbel is in zijn geheel een Hebreeuws/Joods boek. Maar misschien laat Jezus zich hier van zijn Griekse kant zien. Als of er Grieken in zijn toehoorders stonden.
Groet,
Martien

Saturday, May 7, 2011

Het begin van Thales…

Zo’n 600 jaar voor Christus ontstond de Griekse Filosofie. Er was een handelscontract tussen steden in Ionië, wat lag in het huidige Turkije (en de oostelijke eilanden in de Egeïsche zee), en beschavingen in Egypte en het Midden-Oosten. Omdat de steden in Ionië min of meer zelfstandig waren konden ideeën zich daar redelijk vrij ontwikkelen. Meer dan in die grote beschavingen waar alles van bovenaf werd gedicteerd. In een land als Egypte werd de koning gewoon als god gezien. Of in elk geval zal hij zichzelf graag zo hebben gezien.

Een van de steden die met name aan het begin van onze wetenschap staat is de stad Milete. De eerste man die we kennen van de “natuurfilosofie” was Thales van Milete (± 630-550 v. Chr.). Volgens onze Berend, die een werkstuk over Electriciteit heeft gemaakt, was Thales ook de uitvinder van statische Electriciteit. Hij ontdekte namelijk dat door met een wollen doek over barnsteen te wrijven je (lichte) dingen kon aantrekken.

Voor Thales waren vooral vragen interessant die gingen over het ontstaan van de dingen om hem heen en waar uit die bestonden. Belangrijk in de theoriën van Thales was het begrip “archè” (ἀρχη). Dit woordje kun je vertalen met “begin”. Maar dan wat mij betreft liever in de richting van “initiator”, “beginner” of “oorzaak”. Bij Thales ging het hier om een oerstof waar uit alles zou zijn ontstaan. En zijn conclusie was dat die oerstof water moest zijn. Overigens was er ook nog ene Herakleitos. Deze geloofde dat het primaire element vuur was en dat was begiftigd met rede: logos (λογος).

Nu beginnen bij mij de neuronen door mijn hoofd te schieten. Want onze Here Jezus Christus, de logos, zegt in Openbaringen 21:6: Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde: “hè arche kai to telos” (ἡ ἀρχη και το τελος).

Kijk en daar vinden we een link. Want in Op. 21:6 zegt Jezus nog iets anders: “Ik zal de dorstige geven uit de bron van het water des levens om niet”. Dus Jezus is de “arche” en Hij geeft “water”, “hudatos” (ὑδατος) . Griekse filosofie in de Bijbel! Of zou Jezus hier aansluiten bij de Grieken: “de Griek een Griek zijn”?
Net als dat archè niet een plat begin is, zo is telos ook niet maar gewoon “het eind” waar na niets meer is. Het is niet zo binair, aan of uit, een of nul. Telos is meer een “doeleinde”: daar gaat alles heen. Een voleinding, iets waar je naar toe werkt. En dat is Jezus.

Jezus is de initiator, uit, door wie/wat alles is. Maar ook tot Wie alles zal zijn. En daar houdt het niet op. Want het is geen einde waarna niets meer is, waarna het allemaal op houdt. Nee, vandaar uit gaat het verder. Lees dat maar na in bijv. 1 Kor.15:23,24. Merk ook op dat het “daarna het einde” in :24 niet een binair einde is. Het is weer datzelfde telos: het doel, de voleinding. En wat is dat doel? Dat lezen we in 1 Kor 15:28. Dat “God alles in allen” zal zijn.

Wat een feest! Wat hoop ik dat “Pater Moeskroen” daar bij mag zijn…

Geloven op het werk


Kol 3:23,24: 23 Wat u ook doet, doe het van harte, alsof het voor de Heer is en niet voor de mensen, 24 want u weet dat u van de Heer een erfenis als beloning zult ontvangen – uw meester is Christus!

In de kerk is er vooral aandacht voor Geestelijke zaken. Geestelijke zaken (bijbelklas, ouderlingschap, kosterschap, evangelisatie etc.) worden gewoonlijk belangrijker geacht dan gewoon werk. Voor het “gewone werk”, bijvoorbeeld dat van mij als ICT-er, is niet veel aandacht.

Maar God vind je werk wel belangrijk. Misschien nog niet eens zo zeer wat het resultaat is of dat je alleen al tot zegen bent door ergens er als christen te zijn. Maar werk heeft een intrinsieke waarde. God heeft ons gemaakt naar Zijn Beeld. Hij is een scheppende/creërende God en heeft dat ook in ons gelegd. Zelfs voor de zondeval kreeg Adam al werk te doen: het beheer over de hof. Dat was een agriculturele omgeving waar werk te doen was. Werk is dus niet door de zondeval gekomen. (Da's een tegenvaller voor diegenen die denken dat ze in de Hemel een eeuwig durend pensioen kunnen genieten...)

Een vriendin van mij van vroeger was medewerkster bij de gemeentelijke belastingdienst van Schiedam, voor de hondenbelasting. Dat kan een nogal controversiële baan voor je omgeving zijn. Ze gaf zichzelf het doel om zoveel mogelijk belasting binnen te halen. Niet zo'n gewaardeerd streven in de ogen van de hondenbezitters. Maar wel in die van haar werkgever. En voor zichzelf een manier om een iets te hebben om aan te werken.

Ik denk niet dat we in eerste plaats worden opgeroepen om te evangeliseren op het werk. Christenen geloven denk ik vaak dat je of wel je werk moet opgeven om voltijds de evangelisatie in te gaan, of dat we werken om ons gezin en onszelf te onderhouden en in onze vrije tijd moeten evangeliseren. En anders dan in elk geval op ons werk. Dat levert denk ik veel frustratie en stress op: want we gaan er nooit aan voldoen.

Ik denk dat we in allereerste plaats door God opgeroepen worden om onze talenten in te zetten in de maatschappij, gewoon op de plek waar Hij ons gesteld heeft. Om onze plaats in de samenleving in te nemen en ons “ding” te doen om die maatschappij structuur te geven en verder op te bouwen.

Daarbij heeft onze samenleving betrouwbare mensen nodig. Want, hoewel ik geen financieel genie ben, het komt mij zo voor dat bijvoorbeeld de financiële crisis op zijn minst voor een deel het gevolg is van onverstandig handelen van zgn. financiële adviseurs.

Daarom: schrijf je rapport, bouw je huis, ontwerp je website of doe je afwas, als of het voor de Heer is. Als of het een bouwsteen is van het Koninkrijk. Toon daar in je betrouwbaarheid en God zal je zegenen. Dat geloof ik vast.

Een vuilnisman die zijn best doet om de schoonste route van de stad te krijgen. Ik herinner me een verhaal van een timmermansleerling die een deur moest maken en een inferieur stukje hout gebruikte, met een gat er in. Omdat er toch een andere plank over heen kwam maakte het volgens  hem niet zo uit. Maar zijn baas corrigeerde hem en liet hem een goed, nieuw stuk hout gebruiken. De deur moet massief zijn.

Als je zo werkt, dan val je op. En natuurlijk kun je onder je werk eens bidden voor je collega die tegenover je zit. Hem of haar in gedachten zegenen. En dan kan het maar zo eens voorkomen dat je met hem of haar op een terras zit of op een seminar in Nice aan het dineren bent met collega's en je in eens een ingang vindt om over jou geloof te praten. Maar ik denk dat dat pas op een latere plaats komt.

Tenslotte zijn er bij verscheidene grotere werkgevers bedrijfsgebedsgroepen. Kijk daarvoor eens op www.bedrijfsgebed.nl. Via http://gelovenopmaandag.nl/ zijn er ook cursussen over dit onderwerp voor kerken. En Alpha heeft overigens ook een Alpha op de werkplek.