Thursday, May 22, 2008

Oude wijn in nieuwe zakken

Al jaren schrijf ik artikelen in ons kerkblad. In het begin vooral gemeente georienteerd en later kregen ze meer een theologisch tintje. Daaraan kun je merken dat ik veranderd ben en vooral ook een andere (een minder traditionele) theologische invalshoek heb gekregen. Welke dat is? Ik ga je het nu (nog) niet verklappen. Probeer dat zelf maar te ontdekken. Maar het heeft wel te maken met mijn artikel over Tradities.

In elk geval: alleen mijn mede gemeenteleden lazen deze artikelen. En velen misschien niet eens of ze lazen omdat ik toevallig grappig kan schrijven. Soms kreeg ik wel eens de behoefte om iets te schrijven wat volslagen onzin is of gewoon aantoonbaar niet waar. Iets waar ik het zelf ook absoluut niet eens ben, gewoon om een discussie te krijgen. Om echt inhoudelijk in gesprek te gaan. Inhoudelijke reacties mis ik wel eens. Want wat ik echt geloof is (volgens mij) volslagen in lijn met de bijbel maar minder in lijn met de gevestigde traditionele/gereormeerde theologie. Lees bijvoorbeeld mijn artikel over straf maar eens.

Het leek me in elk geval goed om mijn artikelen hier te herpubliceren. Om daarmee ook voor me zelf weer wat ritme en herbezinning te krijgen in mijn productie.

Van harte beveel ik ook graag de blogs van mijn vriend Wim Hoogendijk en Andre Piet (die ken ik persoonlijk niet): aan.

Groet,
Martien

Tradities: wie heeft het laatste woord?

Mijn collega’s zien mij waarschijnlijk als een conservatist, kan ik me voorstellen. Ik houd er niet erg liberale ideeën op na. Sex hoort wat mij betreft bij een vaste op het huwelijk gerichte relatie. Ik ben tegen abortus en euthenasie. Afgelopen week vernam ik dat in Frankrijk abortus tot in de 26ste week toegestaan was en dat kinderen zo’n abortus nog wel eens overleven. Ik ben voor dienstplicht, sociaal of militair, ik ben zelf in dienst geweest, maar dan wel als er een zinnige invulling aan gegeven wordt. Allemaal redelijk conservatieve ideeën.

In mijn werk ben ik echter bepaald niet conservatief. Ik houd er niet van om op de automatische piloot dingen te doen. Ik houd niet van twee keer hetzelfde project en als ik opnieuw een vergelijkbaar probleem krijg, dan kijk ik weer met een vernieuwde blik naar, met de ervaring die ik vanuit het eerdere traject heb. Iets oplossen op een bepaalde manier omdat ik het de vorige keer ook zo gedaan heb is er bij mij niet bij, ook al was het succesvol. Iets doen omdat ik het altijd zo doe, vind ik zo’n slechte reden! De goede dingen neem ik over, maar ik evalueer wel wat ik er goed aan vond en wat ik dit keer anders en beter kan doen.

De kerk zit vol met traditie, net als de Joodse Cultuur. In de bijbel vind je ook verscheidene plaatsen instellingen van traditie en rituelen: feesten, offers, reinigings-rituelen naast geboden en verboden. Eeuw in eeuw uit werden door de Joden deze tradities in ere gehouden. En eeuw in eeuw uit houden wij in onze kerk ook zo onze rituelen en tradities in ere. Daar horen uiterlijke tradities bij, maar ook innerlijke. Tradities als dopen en belijdenis doen, zegenen aan het eind van de dienst, de manier waarop onze diensten worden ingevuld. Maar ook hoe we ons gedragen en wat we nu precies geloven.

Ik ben echt een “waarom”-mannetje. Waarom gaan de dingen zo als ze gaan? Waarom doe ik iets op een bepaalde manier? Hoe ga ik dit probleem oplossen en is dat handig? Of kan ik het niet handiger doen? Zelfs als in de bijbel staat wat ik wel of niet moet doen, vraag ik me af waarom. Omdat het in de bijbel staat? Omdat God het wil, omdat Hij het van mij vraagt? Ik wil niet arrogant overkomen of oneerbiedig. Maar ik denk dat God niet zomaar wat zegt. Ookal heeft hij Israël een aparte plaats gegeven in de wereldgeschiedenis, dan nog geeft Hij niet zomaar een paar wetten en regels waar ze zich aan moeten houden. Zelfs de reden dat Israël een heilig volk is en zich daarom moet afzonderen vind ik wat kortzichtig. Het blijkt dat veel, zoniet alle, geboden en verboden echt tot zegen zijn voor je leven. Er bestaat tegenwoordig zelfs een “Oude Testament”-dieet!

Tradities en rituelen hebben een oorsprong, maar ook een waarom. Ze zijn ingesteld bij een bepaalde gebeurtenis. Ze helpen je om die gebeurtenissen te herdenken. Ze helpen om vast te houden aan je geloof. Vaak zit er een reden achter die door het ritueel te herhalen je daar weer bewust van te worden. Het geeft daarom ook aan dat het belangrijk is om elke keer weer te bedenken: “waarom deden we dit ook al weer?”. Zodra je daar geen fatsoenlijk antwoord meer op kan geven, dan vervaagt de functie van de traditie of ritueel. Dan doe je het misschien nog omdat je er goed bij voelt. Ik heb wel eens mensen nogal verheerlijkt over hun (volwassen-)doopdienst horen praten. Het was een mooie, fijne, dienst, het voelde zo goed. Hartstikke mooi, denk ik dan met alle respect, maar waar deed je het nu eigenlijk voor?

Zelf denk ik dat als je niet goed meer weet waarom je iets doet, je moet overwegen er vanaf te zien. Een traditie in stand houden om de traditie heeft het risico tot wetticisme te leiden. Je doet dan iets omdat het zo hoort, maar je kunt niet meer uitleggen waarom het goed is om het te doen.

Ik heb bewondering voor tieners. Zij zitten in een levensfase waarin ze tegen allerlei heilige huisjes aanschoppen om te kijken of ze blijven staan. Wat is er waar van het geloof dat mijn ouders mij voor houden? Geloof ik dat wel en zo ja, waarom is het waar? Klopt het wel wat er in de bijbel staat? Wat vind ik er nu zelf van? Dat is belangrijk om het geloof eigen te maken. Volgens mij is het de enige manier om te komen van het geloof van je ouders, tot een eigen, persoonlijk en standvastig geloof en een eigen persoonlijke relatie met de Here God.

Maar eens houdt dat op. Dan lijkt het alsof we als vanzelfsprekend uit gaan van de dingen die ons geleerd zijn. En denken we niet meer na over het plan dat God met de mensheid heeft, wat Zijn wil en raadsbesluit zijn. Waarom niet? Kennen we Gods wil en bedoelingen omdat we dat overgeleverd hebben van overigens respectabele mensen die daarover meer dan 500 jaar geleden verstandige en misschien minder verstandige dingen hebben geschreven? Of kennen we God uit zijn Woord en Zijn eigen openbaring aan ons? De inzichten van de theologen van 500 tot 1000 jaar geleden kunnen gekleurd zijn door hun tijdsgeest. En daarom is het denk ik belangrijk om naar die redenaties te blijven kijken en die onbevangen tegen Gods Woord aan te houden. Wat zegt God nu werkelijk? En misschien kom je wel tot andere conclusies dan onze kerkelijke vaders.

Nu beweer ik niet dat je zomaar de kerkelijke traditie op de schop moet gooien. Ik roep ook niet op tot voortdurende twijfel. In de zomer van 2004 stonden we op een boeren camping en man wat een donkere lucht kwam daar aan. Beetje alsof we in de film “Indepance day” met Will Smith zaten. Dan ga je eens aan de scheerlijnen van je tent trekken en aan de tentpalen schudden. Staan ze wel stevig? Je komt dan tot de ontdekking dat je een tentpaal wat verder moet uitschuiven en dat een haring niet stevig staat. Die ruk je er uit en steek je een eindje verder weer in de grond. Om tot de ontdekking te komen dat je tent veel steviger staat en de storm kan weer staan.

Weten wat je gelooft en waarom je gelooft is het doel en het succes van de Alpha-cursussen. Laten we we daarom onbevangen naar God blijven luisteren. En God werkelijk laten spreken met zijn onveranderlijk Woord. Laat Hem het laaste woord hebben!

Groet,
Martien van den Akker

De zin of zinloosheid van straf

Straf leeft! In de samenleving wordt er volop over gesproken. Een paar maanden (dat is: toen ik dit schreef begin 2006) geleden heeft Sonja de J., de moeder van het stelselmatig verwaarloosde Savanah, haar veroordeling gehoord. In de weken ervoor heeft de politiek zich ermee bemoeid omdat het OM in de ogen van politici en burgers een te lage strafeis heeft gedaan. De straf voor Sonja kon volgens de samenleving niet hoog genoeg zijn. De rechtbank was met name over de politieke inmenging ook verbolgen, omdat hoe onterecht ook, het er nu op kan lijken dat de politiek de strafmaat heeft beïnvloed.

Maar hoe zinvol is 6 jaar gevangenschap als het vrijwel zeker is dat Sonja in de herhaling zal vervallen? Daarom heeft ze dan ook TBS gekregen en de behandelaars de opdracht om te voorkomen dat ze weer zwanger wordt. Wat heeft straf voor zo’n situatie zin?

Halverwege 2000 schrokken we op van de moord op het Schiedamse meisje Nienke en de poging tot moord op haar vriendje Maikel. Eigenlijk vrij vlot is Kees B. uit Vlaardingen opgepakt. Nadat Kees B. vier jaar onterecht vast had gezeten, bekende Wik H. de misdrijven. Hoewel het er enige schijn van had dat Kees B. het gedaan had rammelde de bewijslast. Volgens DNA onderzoek was het onwaarschijnlijk en Maikel die een gedetaileerd signalement had opgegeven herkende in hem niet de dader.

Kees B. heeft onterecht vast gezeten voor deze misdrijven. Hij verklaarde er naar uit te kijken om weer in de rij voor de kassa in de supermarkt te kunnen staan. Van die dagelijkse ongemakken die hij heeft moeten missen. Was zijn straf zinloos? Onterecht zeker, maar misschien heeft hij andere inzichten gekregen over zijn leven. Een van de redenen van zijn aanhouding was het feit dat hij al jaren het bewuste park afstruinde als pedofiel. Heeft zijn onterechte straf toch zin gehad?

Tussen de zaken door werd door minister Donner de discussie over huiselijk geweld aangezwengeld. Het moest maar verboden worden dat ouders hun kinderen met een pak voor de broek straffen. Want je kunt blijkbaar van ouders niet verwachten dat ze maat weten te houden. En dat kan dan tot overmatige afranselingen leiden. Natuurlijk.

In spreuken 23:13, 14 staat dat je als ouders je kinderen straf niet moet onthouden. Van een pak slaag gaan ze niet dood, maar je behoedt ze daarmee juist voor kwade en domme dingen. Ergens anders staat meen ik dat wie van zijn kinderen houd ze juist tuchtigt. Immers, als je van je kinderen houd dan wil je toch dat ze goed terecht komen? Dat betekent dan dat je consequenties moet verbinden aan de dingen die ze doen. En als je de consequentie van een pak slaag aan iets stouts verbind maar je voert het bij de overtreding niet uit dan wordt dat zinloos. Kinderen hebben dat snel door. Toen ik die tekst opzocht vond ik het erg opmerkelijk dat het woordje ‘tucht’ uit de Nieuwe Bijbel Vertaling vrijwel is verdwenen. Het is vervangen door het woord ‘onderricht’. Hmmm, zouden de bijbelvertalers hebben ingespeeld op Donner’s discussie?

Straf heeft een doel. En dat doel is corrigeren. Corrigeren van gedrag. Zodra dat doel wegvalt, vervalt de zin van straf. Als je iemand levenslang opsluit, en dan bedoel ik ook tot zijn dood, of als je iemand ter dood veroordeelt, krijgt de veroordeelde geen kans om zichzelf te corrigeren. Dan is het dus eigenlijk geen straf, maar een maatregel ter bescherming van de maatschappij. Goed dat is mijn definitie. Van Dale noemt straf een maatregel ter vergelding van een misdrijf. Kan ook, maar wat wil je daar dan mee bereiken? Is het dan om wraak te sussen?

De bijbel spreekt ook over God die corrigeert, die straft. God die ons lief heeft, die alle mensen lief heeft, corrigeert ons. Over diezelfde God wordt ook gesproken dat Hij mensen veroordeeld die niet voor Hem kiezen. Er wordt gesproken over eeuwige straf. En ik vraag me af: “waar komt dat vandaan?” We geloven in een God van Liefde. Die zegt: “Eens zullen alle knieën zich voor Mij buigen (dat is volgens mij dan wel vrijwillig en niet gedwongen)”. Maar ook in diezelfde God die zegt: “jij hoort niet bij Mij, dus ik wil jou nooit meer zien”?

Van diezelfde God zegt Jezus dat als een vader zijn kind geen stenen voor brood geeft en geen slang voor vis, God ons nog veel meer het goede met ons voor heeft. Nu, als ik niet voor de rest van mijn leven boos kan zijn op mijn kinderen, zou die God dat dan wel kunnen?

Een dergelijk Godsbeeld kwam in de Middeleeuwen natuurlijk erg goed uit, toen de Kerk aan de macht was. Want op die manier kon de samenleving in toom gehouden worden. Ik heb langzamerhand aardig moeite met dat Godsbeeld gekregen en ik denk veel broers en zussen met mij. Helaas is het enorm verankerd in onze kerkelijke traditie.

Hoe zinvol is een eeuwige straf? Ik denk dat die zinvol is als ‘eeuwig’ betekent: ‘een lange maar eindige periode’. Volgens Van Dale betekent ‘eeuwig’: “begin noch eind hebbend”. Maar een eeuwig durende straf moet toch ergens beginnen? Dus waarom zou die dan niet eindigen?

Ik geloof zeker in een veroordeling. En voor velen is straf echt nodig. Maar ik hoop dat ik mijn niet-gelovige vrienden, mensen die ik liefheb maar die (nog) niet Jezus als redder kennen, uiteindelijk bij God mag ontmoeten. En ik geloof dat de tijd die we daarna mogen mee maken, wel eindeloos is! Want dan namelijk, is God’s doel bereikt!

Groet,
Martien

Het Begin en het Einde: Digitaal of Analoog?

“En arche èn ho logos kai ho logos èn pros ton theon kai theos èn ho Logos.”
De gymnasiasten onder ons herkennen dit natuurlijk meteen als een stukje Grieks. Voor een eenvoudige Havist als ik is het vrij nieuw. Ik ben er deze winter ben ik er voorzichtig mee begonnen. De ontdekking van wat er nu werkelijk staat maakt mij enthousiast. Als je in Engels-talige films en series focust op de ondertiteling dan mis je vaak veel taalgrappen. En zo ontdek ik dat de source-code van onze Bijbel een schat aan diepere gedachten herbergt. Die we missen als we ons uitsluitend op de ons ter beschikking staande vertalingen baseren.

Het bovenstaande stukje is ons in de NBV bekend als:
”1 In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God.
2 Het was in het begin bij God.”
De rechtgeaarde Gereformeerde zowel als de bijbelgetrouwe Evangelische, als ook de filosofische Refogelische als ik, herkent dit als Johannes 1. Een geweldig diepe tekst, die Johannes schreef om het evangelie van Jezus uit te dragen aan de Grieken.

Als ik een begin als boven lees dan vraag ik altijd meteen af: “welk begin”? Ik ben dan wel een Havist, ofwel iemand van de Havo, maar dan wel een Beta-man.
Waarom ik me afvraag om welk begin het gaat? Je denkt natuurlijk meteen aan de schepping, Genesis 1. Johannes begon hiermee echter zijn verhaal aan de Grieken. Zij kenden Genesis 1 niet. En hij moest hun taal spreken.
In de Griekse tekst staat er echter geen lidwoord. En als er geen lidwoord staat dan is het onbepaald en plaatsen we er in het Nederlands normaal gesproken ons onbepaald lidwoord tussen: “een”. We hebben het hier dus over “een begin”. En dat lijkt me voor de Grieken ook logischer.

Een ander stukje dat opvalt is “het Woord”. Beetje lastig in dit geval is dat in ons Nederlands “het Woord” onzijdig is. Terwijl Logos in het Grieks mannelijk is en wij meteen weten op Wie het slaat. Mijn “leraar Grieks” legde me uit dat Logos voor de Grieken een bekende Godheid was die alles beheerste en had gemaakt. Typisch, hè? Je moet de Logos dus niet verwarren met de onbekende god waar Paulus het over had toen hij in Athene was. Wij zien in de Logos meteen Jezus Christus die we kennen als Zoon van God maar ook als “uitvoerder/aannemer” in opdracht van de Vader, de “architect”. De Grieken kende Jezus Christus eigenlijk al nog voordat Johannes zijn evangelie schreef. Johannes sluit bij hun belevingswereld aan en zegt eigenlijk: “de Logos, die jullie al kennen, laat ik je daar eens wat meer van vertellen”. Dus je zou het eigenlijk onvertaald moeten laten: “In een begin was de Logos”.

Jezus was bij God. Da’s denk ik waar. Toch is daar niet alles mee gezegd. Want wat heb je aan die informatie? Wat was hun onderlinge verhouding dan? Het Grieks kent net als het Duits naamvallen. En het stukje Grieks: “kai ho logos en pros ton theon”: wordt vertaald ald “en het Woord was bij God”, alsof het in de derde naamval (datief) staat. En dat houdt een rust-situatie in. Maar het staat eigenlijk in de vierde naamval (accusatief), wat een actievere houding aangeeft. En dan betekent het “gericht zijn op”. De Logos was gericht op God. Dat is hun verhouding. Dat is de houding van Jezus naar God. Gericht zijn op God, op wat Zijn plannen zijn. Jezus is daar de uitvoerder van. De schepping, de komst naar de wereld (kosmos), zijn dood en opstanding, zijn hemelvaart en straks in de toekomende twee Wereldtijden (aionas) de voleiding.

Jezus was/is ook god. Er wordt daarmee uiteraard niet bedoeld dat het om een en dezelfde god gaat. Alsof Jezus en Vader een en dezelfde zijn. Voor de programmeurs onder ons: ze zijn van dezelfde Klasse, maar een verschillende Object Instantie. Voor de niet-programmeurs: van hetzelfde type, maar een ander voorkomen. Ze hebben allebei een andere positie. De Vader die alles bedenkt en opzet, de Zoon die gericht op de Vader, Zijn Wil en Raadsbesluit uitvoert.
Bij het “gericht zijn op” kun je denken aan Johannes 15: “de ware wijnstok”. Zoals wij aan de wijnstok moeten hangen om gevoed te worden, zo staat de wijnstok in de aarde. Maar volgens mij kun je ook zeggen dat als je gericht bent op iemand, dan zet je je in voor dat wat die voor die ander belangrijk is. Waar hij voor gaat, wat zijn doel is. Daar maak je je sterk voor.

Deze Logos, onze Here Jezus Christus, zegt in Openbaringen 22:13: Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde (“arche kai telos”). Dit vind ik zelf nog al erg kort door de bocht vertaald. Want zo staat het er wel erg binair of digitaal: als of er voor Jezus Christus niets was, en dat er eens een Einde komt waar na er niets meer is. Het begint ergens en het houdt ergens op. Maar ook hier staat er niet precies wat er vertaald is. Hier ontbreken in de grondtekst de lidwoorden:. Het woordje “arche” kan behalve een plaats of tijds-aanduiding ook “oorzaak” of “beginner” betekenen. Maar ook “voorgaan” of “aan het hoofd gaan” of zelfs “leiden/regeren”. Dus je zou ook kunnen zeggen dat Jezus hier zegt dat hij de “beginner’, “voorgaander” of zelfs “schepper” is. Jezus is niet zomaar een startpunt: Hij gaat voor, initieert, heeft het in zijn hand. Dan is het ineens niet meer zo binair.
En het woordje “telos” is niet zomaar “einde”, maar betekent meer “voleinding” of “doel”. Dus een einde dat je nastreeft, waar je naar toe werkt. En vandaar gaat het in die situatie verder. Jezus is die voleiding net als dat Hij die initiator is. En Hij volvoert het tot dat we in de voleiding zijn en vandaar verder mogen gaan. Het houdt dus niet op na het einde! En dus is het ook hier niet meer zo digitaal. Jezus werkt analoog aan de plannen van God naar een doel toe. Hij is de Initiator. En God die niet laat varen het werk van zijn Hand, gaat met Jezus door tot aan de voleinding. En dan draagt Jezus zijn Koningschap over aan de Vader, waarna God alles in allen zal zijn (1 Kor 15:28): een nieuw begin.

Laten wij net als Jezus gericht zijn op God, want Hij wil ook ons betrekken in zijn plan naar die voleinding. Hoe? Probeer dat maar eens met Hem uit te vinden.

Abraham ontmoet God

Je leert een leuke meid of jongen kennen en er ontstaat een liefde. Wat ga je dan doen? Uiteraard wil je zo vaak mogelijk bij elkaar zijn. Je leert elkaar kennen, ontdekt wat je allebei leuk vindt. Maar als de liefde dieper wordt dan raak je meer gericht op die ander. Je wilt ontdekken wat die ander belangrijk vindt, wat die ander drijft. Want je wilt die ander tot zijn of haar doel, bestemming of recht laten komen. Tenminste, dat is in een gezonde liefdesrelatie. Het is immers niet zo handig als je een relatie krijgt met iemand die voor ogen heeft om zendeling in diep, donker Afrika te worden, terwijl je zelf bezig bent om wetenschapper op een laboratorium in een vooraanstaande Universiteit te worden. Je hebt zelfs al geïnvesteerd in de bijbehorende garderobe: de sokken-la ligt al vol met geitenwollen exemplaren. Zelf heb ik ooit eens meegemaakt dat een verkering uit ging omdat ik niet “maatschappijkritisch” genoeg was. Je ziet: in een gezonde relatie is het belangrijk en interessant, maar ook spannend, om te ontdekken waar het die ander omgaat. Om daar dan in betrokken te raken en samen die weg te gaan.

Als oprechte christenen willen we een relatie opbouwen met onze Heer. We geloven en weten dat Hij dat ook wil. Hij wil betrokken worden in ons leven, dat wij Hem daar in betrekken. En Hij wil ons daarin zegenen, toch? Merk je dat als ik deze waarheid zo neerzet, dat die relatie dan gericht is op ons mensen? Dat wij tot ons recht komen en dat wij ons doel halen? Maar waar gaat het God nu om? Wat zijn Zijn plannen en waar werkt Hij nu naar toe? En waar wil Hij ons bij betrekken? Heb je jezelf dat wel eens afgevraagd? Of beter: heb je Hem dat wel eens gevraagd?

Abraham was een man die zich door God liet uitdagen om betrokken te raken bij Gods wereld-plannen. Plannen die de wereld-tijden omvatten. Hoe dat in zijn werk ging kun je bijvoorbeeld lezen in Genesis 18: 16-33, waar God met Abraham in gesprek ging over Sodom en Gomorra. Een overbekend maar opmerkelijk verhaal als je het mij vraagt, waar ik hier en daar wel wat vraagtekens bij heb.

Het eerste wat opvalt is dat God het initiatief nam. Hij ging naar Abraham toe om Abraham bij zijn plannen omtrent Sodom en Gomorra te betrekken, omdat Hij met hem verder wilde gaan. Abraham moest de weg die God zou wijzen doorgeven aan zijn nakomelingen. God wees de weg aan Abraham en hij onderwees diezelfde weg aan zijn nakomelingen.

Wat bij mij vervolgens met een nog groter zwaailicht en sirenes opvalt is Gods opmerking dat Hij naar Sodom en Gomorra wil gaan om te onderzoeken of de beschuldigingen waar zijn die tegen die steden zijn geuit. Weet Hij dat dan niet? Hij is toch de almachtige en alomtegenwoordige God die alles in Zijn hand heeft? De retoriek lijkt me duidelijk.

Stel je eens voor dat God had gezegd: “Abraham, die mensen daar maken er een zooitje van: Ik ga die steden verwoesten.”. Dan had Abraham kunnen zeggen: “Okee. Bedankt dat U het mij laat weten. Vervelend, maar succes.”. God bood Abraham echter een opening om met Hem in gesprek te gaan.

Je zou ook kunnen zeggen dat God hier antropomorfisch handelde. Een moeilijk woord, dat inhoudt dat God zichzelf als een mens representeert. Naar de mens gesproken, kun je zeggen dat God zichzelf hier weerspiegelt als iemand die de rechtmatigheid van zijn voornemen gaat vaststellen.

Abraham ging in op Gods uitnodiging en beriep zich op God’s rechtvaardigheid, Zijn Tsedeka, om in de bres te springen voor de onschuldigen. Tsedeka is het Hebreeuwse woord dat wordt vertaald met rechtvaardigheid. Het betekent echter veel meer dan dat: het betekent zoiets als “meer doen dan van je verwacht kan worden”. De tweede mijl gaan, en eventueel een derde. Vervolgens ging Abraham met God in “onderhandeling”. Maar is dat werkelijk zo? Laat God met zich onderhandelen? En Abraham zette zichzelf overigens ten opzichte van God op de juiste plaats: hij rekende zichzelf tot “niets dan stof”. Hoewel Abraham voor ons een groot man was, is hij toch mens. Dus wie is hij dat hij tegen God in kon gaan? En, sorry dat ik ondeugende vragen stel, is het niet zwak van God dat Hij zijn plannen af laat hangen van een mens? Is dat eigenlijk ook wel zo? En als er nu toch 45 rechtvaardigen waren, en Abraham was niet op Gods uitnodiging ingegaan, had God dan Sodom verwoest? Of wìst God dat er toch niet zoveel rechtvaardigen waren en kon Hij “veilig onderhandelen”?

Ik denk dat Abraham hier laat zien dat hij door heeft wat er in Gods hart is. Dat God geen onrechtvaardigen verloren laat gaan. En Abraham berust daar ook niet in. Abraham denkt met God mee en beroept zich dan ook op het karakter van God.

Maar Sodom en Gomorra dan? Is het daarmee afgedaan? Opgeruimd staat netjes? Als je uitzicht wilt hebben op Sodom en Gomorra, moet je maar eens naar de Dode Zee gaan. Daaronder liggen die steden. Een grote zout boel. Je zou zeggen dat daar weinig hoop is.

Toch moet je maar eens lezen in Ezechiël 16 vanaf vers 53. Daar staat dat Sodom en haar dochters hersteld gaan worden! Hoe kan dat nu? God is echt een Tsadiek! God gaat ons rechtvaardigheidsgevoel ver te boven. Na oordeel komt hier herstel voor Sodom. Net als dat God ooit Jeruzalem en haar dochters gaat herstellen. Weliswaar door schaamte en schande heen. Maar dat is de loutering, de rechtvaardiging waar Jeruzalem, maar ook wij, doorheen moeten. Na oordeel komt genade!

En Abraham snapte dat. Volgens Jezus (Johannes 8:56) heeft Abraham zicht gehad op zijn komst en zich daarin verheugd.

Snap je waarom ik onze geweldige God beter wil leren kennen? Hij heeft een plan waarin Hij ons wil betrekken. Als geestelijke nakomelingen van Abraham. En reken maar dat God de tweede mijl gaat. En een derde... en als het moet een vierde... en eventueel .... Maar Zijn doel bereiken zal Hij. En daar wil ik bij zijn.


(dit onder de motto's: laat ik mijn oudere artikelen ook eens plaatsen en het is weer tijd voor een update).