Monday, April 6, 2009

E-Sword In de herhaling.

Het is weer even geleden dat ik E-Sword heb geinstalleerd. Ik draai al weer een tijdje een nieuwere versie van OpenSuse en was er nog niet aan toe om E-Sword te installeren. Inmiddels is Wine ook wat gegroeid en het blijkt dat je voor e-sword niet meer een wine-bottle hoeft aan te maken. Overigens hoef je in Wine ook niet apart bottles aan te maken. Als je wine start met een prefix die hij nog niet kent, dan maakt hij gewoon voor die prefix een bottle aan.

Dus ik ga weer fijn met mijn electronisch zwaard aan de slag.

Saturday, January 24, 2009

Het Contract

Jaren geleden (volgens mij al in 1995) schreef ik eens een artikel waarin ik betoogde dat volgens mij we elkaar na dit leven in de hemel of de vernieuwde aarde zullen ontmoeten en herkennen. Mijn idee is dat we in de loop van de tijd veranderen maar toch herkenbaar blijven. God gaat een relatie met ons aan, steekt tijd in ons om ons te onderwijzen, ons te ontplooien. Hij biedt ons de mogelijkheid om Hem te leren kennen. Hij gaat een relatie met ons persoonlijk aan. Zou Hij ons dan zo volslagen gaan veranderen dat we niet meer zijn wie we zijn, zodat we niet meer de personen zijn waarmee Hij met zoveel geduld een relatie op bouwde? Hij had dan volgens mij net zo goed de brandspuit op deze aarde zetten en alles opnieuw scheppen. Of beter nog: een serie Robots bouwen. Het lijkt me tamelijk tamelijk zinloos van God om deze eeuw/wereldtijd met ons door te maken als we hier na totaal iemand anders zijn.

Vorig jaar filosofeerde ik met een goede, oudere vriend over Jezus terugkomst en hoe Hij er dan uit zou zien. Goddelijk menselijk, met of zonder littekens. In elk geval zullen we hem moeten herkennen, wat bijzonder is omdat we Hem nog nooit gezien hebben. Nu zal het wellicht helpen dat Hij terugkomt op een wolk. Dat zie ik niet veel anderen doen. Maar het zou ook helpen als Zijn littekenen op Zijn handen en Zijn zij nog zichtbaar zijn. Sterker nog, we bedachten dat het ook wel heel belangrijk zou zijn. Want wat als ze er niet meer zouden zijn? Dan zouden we niet meer herinnerd worden aan het verzoenend en verlossend werk van Jezus. Er is dan geen fysiek bewijs meer voor. En het Lam moet immers ook herkenbaar zijn aan die mensen die door de Geest en de Bruid worden opgeroepen om te komen (zie Openbaringen 22). Het moet duidelijk zijn en blijven dat Jezus onze gekruisigde en opgestane heer is. Je zou misschien kunnen zeggen dat de littekens van Jezus een handtekening van God zijn onder het contract van zijn Verbond. Wel een beetje cru misschien en Hij heeft moeten beschikken over heidense mensen om die te zetten. Maar ze zijn wel onuitwisbaar. Als die handtekening is uitgewist, hoe geldig is dan dat contract?

Vorige week las ik in het boek “In Perspectief” van dr. Klaas Goverts een tekst die me trof. Want hij ging daar naar mijn idee op deze gedachte nog een stuk verder. Hij heeft het daar over de Thomas die wij altijd voor ongelovig hebben gehouden. Maar Thomas was er de eerste “terugkomavond” van Jezus niet bij. En volgens dr. Goverts heeft Thomas door gehad wat het belang van de tekenen van Jezus waren. Als de tekenen niet meer zichtbaar zouden zijn dan zou voor Thomas de kruisiging en opstanding geen waarde hebben. Dat zou natuurlijk verschrikkelijk zijn.

Ik ging daar nog op door filosoferen. Hoe zou het zitten met onze eigen littekens? En dan vooral de niet zo zichtbare. De pijn en moeiten waar we ons doorheen worstelen. Hoe zit het daarmee?
Alles wat we leren, relaties die we aangaan en zo? Zijn die allemaal weg? Ik denk dat alles wat we doormaken mede maken wie we zijn. God is immers een proces in ons bezig, door vreugde en moeite om ons te maken wie we ten diepste zijn. Hij schaaft ons bij, kneed ons en vormt ons. En dat doet soms pijn. Maar het maakt steeds meer deel uit van onze identiteit.

Er is een theorie dat het met de verlamde man in Bethesda zo was dat zijn ziekte een onderdeel van zijn identiteit was. Hij had volgens zijn zeggen niemand die hem in het water hielp. En hij was steeds te laat om bij het water te komen wanneer dat begon te bewegen. Als hij als eerste in het water kwam, dan zou hij genezen. Maar was er dan niemand om hem te verzorgen? Kreeg hij geen eten dan? Jezus zei hem op te staan en naderhand om niet meer te zondigen opdat hem niets ergers zou overkomen. De theorie gaat dat zijn probleem meer een psychische dan een lichamelijke was.

Het beeld dat de meeste Christenen hebben is dat we na ons sterven naar de Hemel gaan. En dat daar geen tranen en pijn meer zijn. Dat alle lichamelijke ongemakken dan weg zijn. Maar is dat alles wat daar over te zeggen is?

Ik vermoed eigenlijk dat die geestelijke/lichamelijke littekens op de een of andere manier wel zichtbaar blijven. Op een manier die ons niet tot last is, zodat het niet in de weg zit. We zullen een verheerlijkt lichaam hebben. En de pijn en het verdriet zal geheeld zijn. Maar toch zal de herinnering en ervaring niet weggevaagd zijn, denk ik. Want het maakt ons mede wie we zijn.

Je kunt zeggen: “leuk bedacht Martien, maar zou dat niet heel harteloos zijn van God?” Nou, eigenlijk, ik denk van niet. Je zou net zo goed kunnen zeggen dat het getuigt van Gods tederheid. Hij erkent de pijn en moeite die we hebben moeten doorstaan. De vreugde die we hebben mogen vieren. Alles wat ons heeft gemaakt wie we zijn. Alles wat nodig is om ons op te doen wassen tot volwassen zonen en dochters van Hem. En Hij legt liefde vol Zijn vingers op die wonden en geneest ze. Maar wel zo dat ze hun betekenis en uitwerking niet verliezen. En daarmee onze integriteit niet verstoren. Maar ik moet bekennen: het is een veronderstelling. Waarvan ik de volledige gevolgen ook niet overzie.

We hebben een liefdevolle God. Sterker nog: God is liefde. En Hij zal ons doen opwassen tot zijn zonen en dochters. En die beloften zijn bezegeld met zijn onuitwisbare handtekening.

Groet,
Martien van den Akker

Friday, October 24, 2008

Oud en Nieuw

Het is oktober, een dag na Vera's verjaardag. Het begin van een nieuw levensjaar voor onze grote meid. We zijn met de kerk en dus ook met het jeugdwerk weer een paar weken onderweg. En dan bezig met plannen maken voor dit seizoen en deze uitvoeren. Maar ook met plannen voor de toekomst.

Nog een paar weken en dan is het weer oud en nieuw. Voor je het weet krijg je op de televisie weer allerlei terugblikken en gaan we weer nadenken over het nieuw jaar. Goede voornemens: wat ging er afgelopen jaar fout en gaan we nu beter doen? Met welke gewoontes gaan we stoppen en met welke nieuwe gaan we beginnen?

Mijn vorige werkgever had een verschoven boekjaar. Dat liep van 1 juni tot 31 mei. Dus 31 mei hadden we oud jaar en ergens in juni een “kick-off”. Dat was dan het moment om de focus op de markt te verleggen, afdelingen te splitsen, andere samen te voegen.

Zo hebben we meerdere momenten in het jaar om over nieuw te beginnen. Stil staan en na denken over de afgelopen tijd plannen en ideeen verzinnen over de komende tijd. Ondertussen gaan we vaak op dezelfde voet verder. Vervallen we in oude gewoonten, blijken nieuwe plannen toch niet zo goed te werken of lopen we tegen andere zaken aan. Het nieuwe jaar is niet heel veel anders als het oude.

Zelf vind ik het prettig om regelmatig overnieuw te beginnen. Ik werk project-matig bij klanten. Het is lekker om soms een oude klant achter je te laten en met een schone lei aan een nieuwe klus bij een nieuwe klant te werken. Nieuwe mensen te leren kennen. Jammer, is dan ook wel dat je vaak leuke mensen moet achterlaten, waar je het goed mee kon vinden en goed mee kon samenwerken. De overstap naar een nieuwe werkgever brengt dat ook met zich mee. Maar je kunt bij je nieuwe klant of werkgever weer overnieuw beginnen zonder de balast van je vorige klant of werkgever. Aan een nieuw systeem werken zonder dat je nog steeds wordt lastig gevallen met vragen van het oude systeem waar je jaren geleden aan gewerkt hebt.

Ik realiseerde me de laatste tijd eigenlijk dat we ook zo tegen de Here God en zijn werk aan kijken. Wij mensen hebben het verbruid in de Hoftuin. Dus moesten we daarbuiten overnieuw beginnen. Vervolgens werd het weer een zooitje dus spoelde God de aarde schoon en begon met Noach overnieuw. Met Abraham begon Hij een nieuwe lijn en tsja, dat leek ook niet zo'n succes. Via een aantal richters komen we uit bij David. Misschien dat een koning wat is? Maar ook de koningen konden Gods volk niet bij de les houden. Dus begon God weer overnieuw door zijn Zoon te sturen. Zijn offer heeft de vloek op de schepping te niet gedaan. Onze zonden zijn vergeven. Via Hem kunnen we weer tot God komen. Althans, dat deel van de mensheid dat Hem aanneemt. Zou het nu wel gaan lukken? We zien er nog niet veel van. Er komt steeds meer ellende in de wereld. Het wereldnieuws maakt ons attent op terrorisme, tsunami's, wereldwijde economische crises, etc. Het lijkt wel steeds meer te worden. Maar gelukkig zijn dat de 'tekenen des tijds' dat Jezus terug gaat komen. En dan wordt alles nieuw. Dan krijgen we de nieuwe hemel en aarde.

Dat woordje nieuw daar zit ik toch wel mee. Dat heb je (hopelijk) in de lijn van mijn bovenstaande verhaal kunnen lezen. De vorige paragraaf is wel ietwat ironisch, excuus als ik het wat te scherp voor je uittekende.

Eerder heb ik wel eens een opmerking gemaakt over de Nieuwe hemel en aarde in Openbaringen 21. Laatst ging ik me afvragen hoe het nu zit met het nieuwe verbond. In Lukas 22:20 spreekt hij van de beker die wordt uitgegoten, dat die het nieuwe verbond is dat door Zijn bloed gesloten wordt. Wat, gaat God daar met Jezus overnieuw beginnen? Een nieuw verbond? En het oude dan? Jezus zei toch dat die niet had afgedaan?. Dus ik heb het maar eens opgezocht. En Jezus blijkt het te hebben over 'kainè diathèkè'. Diathèkè is een inwendige orde, gesteldheid of een regeling, verbond of een beschikking, testament. Dus dat zit wel goed. 'Kainè' betekent inderdaad 'nieuw'. Net als het woordje 'Neos'. Maar er is ook een werkwoord met 'Kainè' verband houd ''Kaino-oo'. En dat betekent: nieuw-maken, veranderen, zich vernieuwen: revolutionair zijn. 'Kainè' betekent denk ik nieuw vooral in de betekenis van 'vernieuwd'. Dat zie je ook terug in de (ver-)nieuw(d)e hemel en aarde van Openbaringen 21.

Wanneer ik lees over een 'vernieuwd verbond' en ook de 'vernieuwde hemel en aarde', dan lees ik daarin een plan van de Here God die ergens begint en dat werk niet 'laat varen' totdat het voltooid is. Dat plan heeft een aantal fases (het lijkt een beetje op de 'waterval-methode' in de IT). En elke fase is nodig voor de volgende fase, maar elke fase heeft zijn eigen karakteristieken. En dat mondt uit in een slot fase waarin alles voor iedereen in orde komt in God.

Misschien denk je: wat een gezever over een woordje. Is dat nu zo belangrijk? Mijn redding hangt er gelukkig niet vanaf. Die van jou of u hopelijk ook niet. Maar het is volgens mij wel belangrijk als je theologie er op gebaseerd is. Als die gebaseerd is op een beeld van God die steeds “opnieuw begint”. Maar voor mij persoonlijk hangt mijn beeld van God en hoe Hij met zijn schepping er van af. En ik zal het maar bekennen: ik heb meer met een beeld van God die doet wat Hij zegt en belooft en die ergens aan begint om het tot het ultieme einde te leiden.

Zo blijven volgens mij ook de beloften aan Israel overeind. Dat volk waarvan God zelf zegt dat ze tot zegen voor de volken zullen zijn. Het herstel van Israel is denk ik een teken zijn, een voorbode van het herstel van de volken. Volgens de NBG staat in Rom. 10:4 dat Jezus het einde van de wet/thora is. Tot gerechtigheid van een ieder die gelooft. In de NBV heeft men het gelukkig wat beter vertaald. In plaats van einde staat het woordje Thelos: Doeleinde. Jezus is het doel van de Thora. Op Hem loopt het uit. Hij is zogezegd een nieuwe fase. Waarin volgens mij ook Israel tot haar doel komt. En zoals de opstanding voorbode is van het herstel van Israel, is het herstel van Israel de voorbode van het herstel van de mensheid.

God is geen Nederlandse verkeers-minister met proefballonnetjes. Maar een God die doelbewust zijn plannen ten uitvoer brengt. En daar word ik nou enthousiast van.

Groet,
Martien

Wednesday, August 13, 2008

Beta-kanon

Een paar jaar geleden las ik het geweldig spannende boek "De vuist van God" van Frederic Forsyth. In het verhaal wordt een gigantisch kanon gebouwd. In een tijd dat de electronen kanonnen in beeldschermen plaats maken voor plasma en vloeibare kristallen en na een gevecht van verscheidene historische figuren in de geschiedenis canon, brengen Fokke en Sukke hun Beta-canon uit. De on-line beta-versie is te zien op http://www.foksuk.nl/betacanon. Geweldig!

Monday, August 11, 2008

200110-Vrij vrij veilig?

Ik las zojuist op goedbericht.nl (http://goedbericht.nl/blog2/?p=310) een artikel over de GayPride. Een goede en juiste analyse denk ik. Het deed me denken aan een uitspraak van Dries van Agt die zei dat wij Christenen intolerant worden genoemd jegens de Homo-sexuele medemens, maar dat hij de mensen achter Gay-pride juist ook intolerant vond, omdat zij de gaypride opdrongen. Immers, je moet als eventueel toevallige voorbijganger wel kijken. (Ik hoop dat ik hem correct aanhaal).

Het deed me echter ook denken aan een artikel dat ik in oktober 2001 schreef.

Een gewaagd onderwerp deze keer. De laatste tijd zit ik nog al te filosofuleren over vrij veilig vrijen. Van de zomer was in het nieuws dat de Nederlandse jongere minder doet aan ‘veilig vrijen’, maar uiteraard niet minder aan vrijen. Vandaar dat er weer een reclame campagne van stichting SOA tegenaan wordt gegooid. Hartstikke goed natuurlijk dat men zich zo’n zorgen maakt over de Nederlanse jongere. Toch ben ik niet zo enthousiast over deze reclames. Waarom dan niet? Die reclames zijn toch goed? Nou, goed bedoeld wel. Waar ik echter moeite mee heb is het verhaal op de achtergrond. Ik hoor er sterk de gedachte in: sex moet kunnen, sex moet mogen, iedereen heeft recht op sex, geniet er van zo vaak je wilt en met wie je wilt, maar doe het alsjeblieft wel veilig. Sex is inderdaad iets moois, iets prachtigs, je mooiste, diepste intimiteit delen met dat van de ander. Alleen in de SOA-reclames wordt dit gedegradeerd tot het culinaire niveau van een Big Mac. Errug lekker overigens, zo op zijn tijd, maar het haalt het toch niet bij een diner voor twee met een goed glas wijn bij bijvoorbeeld La Promenade.

In de Viva van begin september schreef een meisje: ‘Het licht erg voor de hand om veilig te vrijen, want iedereen weet dat het zo hoort. Alleen heeft iedereen het wel eens onveilig gedaan, denk ik. Ik heb het zelf ook een keer zonder condoom gedaan en ik slikte de pil ook nog eens niet regelmatig...’ Als je verschillende verhalen hoort uit de maatschappij dan merk je dat dit niet eens echt een geval op zich is. Het is echt de tijdgeest.

Ik geloof niet zo in het soort veilig vrijen van st. SOA. Het is niet echt veilig, niet meer dan vrij (tamelijk) veilig. Je kunt je wapenen tegen de lichamelijke risico’s van het sexuele contact. Al is ook een condoom niet voor de volle 100% veilig. Maar sexueel contact is meer dan het lichamelijke. Je geeft immers het diepste intieme van jezelf weg. Het is niet iets dat je na een aflopende relatie terug kan nemen zoals een kettinkje met je naam er op en dat je vervolgens aan een ander kan geven.

Waar ik in geloof? ‘I believe in sex. I believe in sex as much as possible. I believe in sex as often as possible. I believe in sex as much and as often as possible... but not before marriage!’ Zo begon de takke-herrie-band ‘No Longer Music’ (ze deden hun naam eer aan) in ’91 het nummer ‘No sex before marriage’. Hun show zette wel aan tot nadenken.

Iedereen kent natuurlijk de tekst ‘Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zijn vrouw aanhangen, en zij zullen tot één vlees zijn.’ (Gen. 2:24). Ik ben geen theoloog, maar deze tekst zegt als eerste iets over de huwelijkse relatie tussen man en vrouw. Aangezien er niet iets staat over een huwelijks-ceremonie, ben ik geneigd te concluderen dat de huwelijkse relatie begint bij het verlaten van je ouderlijk huis en het beginnen met het intieme contact met je partner. Ietwat cru gezegd: ‘Het huwelijk begint bij sex in plaats van wachten met sex voor je huwelijk’. Een wat gewaagde en wellicht ietwat uit het verband gelichte conclusie.

Astrid kwam jaren geleden eens op de EO jongerendag een jongedame van de organisatie ‘Ware liefde wacht’ tegen die haar vroeg een papier te tekenen waarmee ze verklaarde voor het huwelijk niet met iemand naar bed te gaan. De dame was nog vrij jong en inmiddels getrouwd, maar had voor haar huwelijk nog maar een half jaar een relatie. Erg opmerkelijk vind ik. Astrid tekende niet omdat ze zich kon voorstellen dat als je de ‘ware’ vindt het naar verloop van tijd er moeilijk wordt om te wachten.

Ikzelf heb een aantal relaties gehad voor ik Astrid leerde kennen. Gedurende een relatie groei je naar elkaar toe, je praat veel met elkaar en knuffelt ook wat met elkaar. Als het dan onverhoopt uitgaat en je vindt een nieuwe relatie dan is het lastig om weer helemaal op nieuw te beginnen. Je hebt dan toch bepaalde verwachtingen van een relatie. In mijn koffiebar tijd heb ik, net als veel van mijn vrienden denk ik, nagedacht over hoe je als Christen tegen sexualiteit aan kijkt. Het was ook toen wel raar dat je anderhalf jaar verkering had zonder met elkaar naar bed te gaan. Helemaal dat je als 19 jarige ‘het’ nog nooit had gedaan.

Toch vind ik het verstandig en belangrijk om te wachten tot je de partner vindt waar je uiteindelijk je leven mee wilt delen (en waarvan je weet dat hij of zij dat ook met jou wilt). Ik vind het zelf niet zo belangrijk dat je ook wacht tot je getrouwd bent (is natuurlijk altijd beter), maar wel dat je ervoor zorgt dat het niet per ongeluk gebeurt (inderdaad, het komt voor). Het is te mooi om het op een onbewaakt moment te laten gebeuren. Spreek daarom met elkaar een moment af en maak dat moment dan extra speciaal. Ik geloof dus wel in sex binnen een relatie die leidt tot een huwelijk. Ik geloof dus wel in veilig vrijen, maar dan volgens de spreuk ‘Vrij veilig, blijf trouw’.

Groet,
Martien van den Akker.

God’s Kroonjuwelen

In mijn koffiebartijd dacht ik eens na over waarom ik Christen ben. Over wat mijn motivatie is om in Jezus te geloven. Is dat om in de hemel te komen? Is dat mijn doel? Ik vond dat nogal beperkt of, kort door de bocht, egoïstisch misschien zelfs.

Laatst vroeg ik deze vraag op catechisatie eens andersom: “Hoe kom je in de hemel?”. Het antwoord was: “Door in Jezus te geloven, dat Hij voor je zonden gestorven is”. En ik vraag me dan af: “Is dat nu het enige?”. Begrijp mij goed: er is maar één manier om tot God te komen en dat is door Jezus. Ik ga hier niet beweren dat er een andere manier is om gered te worden.

Soms hoor je wel eens dat een vrouw van laten we zeggen 23 jaar, een rijke stinkerd trouwt van zo’n 53 jaar. Zo’n kerel die haar vader had kunnen zijn. Van die kerel zeg je dat hij het goed voor elkaar heeft. Van die dame zeg je dan dat ze hem om zijn geld trouwt. Daar zit met mijn vraagstelling misschien wel de crux. Waar gaat het ons om bij God? Gaat het ons om God of om wat Hij ons geeft: het eeuwige leven?

Ik kwam destijds tot de conclusie dat het in “de hemel-komen” voor mij te weinig is. Ik had de neiging om het om te draaien: God is het zelf waard om voor te gaan! Een relatie met Jezus heeft zin, toegevoegde waarde, voor dit leven. En als ik daar dan nog een volgend leven bij krijg dan is dat mooi, maar dan wel in relatie met Hem. En dan kom ik dus eigenlijk uit op Psalm 84:

10 God, ons schild, zie naar ons om,

sla goedgunstig het oog op uw gezalfde.

11 Beter één dag in uw voorhoven

dan duizend dagen daarbuiten,

beter op de drempel van Gods huis

dan wonen in de tenten der goddelozen.

Want al zou je een eeuwig leven in een hemel-soortig verblijf hebben, wat zou dat als het zonder God is? Andersom al zou je een eeuwig leven in de hemel hebben, maar je hebt geen relatie met God hoe zou je daar dan kunnen verblijven? Dan lijk ik te neigen naar het min of meer Arminiaanse Eindtijd beeld dat ik vroeger had. Namelijk dat als je in dit leven niet met God kunt of wilt leven, hoe zou je dat dan in een volgend leven kunnen? Dan kan dat volgende leven er misschien maar beter niet zijn. Oh, wat zeg ik nou?

Maar gelukkig staat in Johannes 3:

14 De Mensenzoon moet hoog verheven worden, zoals Mozes in de woestijn de slang omhooggeheven heeft, 15 opdat iedereen die gelooft, in hem eeuwig leven heeft. 16 Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. 17 God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om een oordeel over haar te vellen, maar om de wereld door hem te redden.

Nu moet ik zeggen dat het hier volgens mij niet helemaal optimaal is vertaald. Zo wordt hier gesproken over de wereld. Daar gaat iets negatiefs vanuit. Dat verwijst naar de ellende die wij er van gemaakt heeft. Het boze dat wordt geregeerd door de Satan. Maar het grondwoord is Kosmos. En kosmos betekent oorspronkelijk ook “Sieraad”. Ons woord “cosmetica” komt daar ook vandaan. En een Sieraad is iets moois, iets dierbaars. En wat is dat van God? Is dat de narigheid van deze wereld? Zijn alleen wij mensen dat? Volgens mij is Gods sieraad de hele schepping. Hij wil zijn geliefde schepping redden. En daar valt wel wat aan te redden en dat gaat denk ik verder dan alleen ons mensen. Wat ik bijvoorbeeld heel bijzonder vind is dat Johannes het in Openbaringen 21 heeft over een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Het woord voor nieuw daar (kainos) is gerelateerd aan het werkwoord voor vernieuwen (kainoöo), dus kun je ook zeggen: vernieuwde hemel en aarde. Misschien kun je het hier ook hebben over de “wederopstanding” van de hemel en aarde. Net als dat Jezus na zijn opstanding ook een nieuw/vernieuwd lichaam kreeg, maar nog steeds dezelfde is. Want als God nu zijn schepping wil redden, waarom dan het oude weggooien en een nieuwe maken? Waarom wacht Hij daar dan zolang mee en deed hij dat niet al veel eerder bij Noach, Abraham of Mozes? Ik denk dus dat Hij deze hemel en aarde vernieuwt, opkalefatert. En er valt zeker wel wat te repareren, schoon te maken en verspijkeren, maar dan heb je ook wat.


Maar het gaat niet alleen om de aarde: ook de hemel wordt genoemd. Dat vind ik opvallend, want daarbij hebben we toch het beeld van groene weiden, warme stranden, mooie bomen en liefelijke muziek (bijvoorkeur iets van Jean Michel Jarre, the Art of Noise, Andreas Vollenweider of Mike Oldfield….)? Maar nee, blijkbaar is de hemel ook aan metamorfose toe, nieuwe kleurtjes en/of een herindeling. Ik weet niet of het er wat mee te maken heeft, maar waren de Satan en zijn kornuiten niet opstandige engelen die uit de hemelse gewesten zijn verwijderd? Zouden die nog rommel hebben achter gelaten?

Kortom de hele schepping is aan een vernieuwing toe. Dat lijkt me ook wel duidelijk als je in de wereld om je heen kijkt en bijvoorbeeld zo’n stormachtige dag als afgelopen donderdag (18 januari 2006) mee maakt.

De schepping, dat omvat de hemel en de aarde, de bloemen en de planten, de dieren en natuurlijk de mens, die we beschouwen als de kroon op de schepping. Maar hoewel die mens speciaal is voor God, reikt zijn verzoenende werk verder.

Dat woordje ‘verzoening’ vind ik ook een sleutelwoord. Want op de bewuste catechisatieavond hadden we het over Zacheüs. En Zacheüs liet een ommezwaai zien. Jezus noemde hem en zijn huis in Lucas 19 “gered”:

9 Jezus zei tegen hem: ‘Vandaag is dit huis redding ten deel gevallen, want ook hij is een zoon van Abraham. 10 De Mensenzoon is gekomen om te zoeken en te redden wat verloren was.’

Ook hier staat dat Jezus gekomen is om het verlorene te redden. Dat verlorene wordt meestal op mensen teruggekoppeld en dat is niet onwaar, maar die beperking lees ik hier niet. Bij Zacheüs bleef het ook niet bij geloven. Hij liet zich verzoenen met Jezus en met God, hij kreeg een relatie. En vanuit die relatie, die verzoening veranderde hij zijn leven. Niet andersom. Het gaat Jezus en God de Vader volgens mij om die verzoening. Die verzoening met ons en met de rest van de schepping.

Tsja”, vraag je dan misschien: “en wat dan met diegenen die zich niet laten verzoenen?” Dan vraag ik me af: wanneer stopt Jezus met zoeken? Als Hij terug komt? Dat is wat de meeste Christenen geloven. Of zoekt Hij in de tijd van Openbaringen 21 en 22 verder?

Zijn kroonjuwelen zijn het Hem waard om een extra mijl te gaan, en nog een, en misschien wel nog een… Tot dat Hij net als de weduwe van de 10 penningen (waar ze vermoedelijk haar sluier mee versierd had) de laatste vermiste gevonden heeft.

Groet,
Martien

Martien en het Hoeksteen misterie

Een dwaas man bouwde zijn huis op het zand en een wijs man bouwde zijn huis op een rots. Jezus is de Rots waar we ons leven op moeten bouwen. Larry Norman, helaas hij is niet meer, zong “Jesus is the Rock that doesn't Roll”.

In Psalm 118:22 wordt Jezus aangekondigd als de een hoeksteen:

22 De steen die de bouwers afkeurden

is een hoeksteen geworden.

En in Jesaja 28:16:

16 Maar dit zegt God, de HEER:

Ik leg in Sion een fundament

met een uitgelezen grondsteen, een kostbare hoeksteen.

Wie zijn vertrouwen daarop grondvest,

hoeft geen andere toevlucht te zoeken.

Ik raak hier een beetje in verwarring. Het is een tekst waar ik als Beta-man altijd al mee heb geworsteld. Mijn ruimtelijk inzicht komt hier mee in de knoop. Nu heb ik geen inzicht in de oud-testamentische bouwkunde. Maar de meeste gebouwen die ik ken zijn recht-hoekig. Ik heb in 2001 een paar maanden bij Das Rechtsbijstand in Amsterdam Zuid-oost gewerkt. Daar hebben ze een gebouw met een honingraat opbouw. In dat gebouw raak je de eerste tijd steeds de weg kwijt. Want door de verschillende hoeken raak je steeds je orientatie kwijt. Ik heb begrepen dat dezelfde architect ook een gebouw van Ing heeft ontworpen, waar het nog lastiger is.

We kennen ook arena's, zoals die in Amsterdam-Zuid-Oost. Die zijn ovaal-vormig. Dus helemaal geen hoeken. Maar als je het hebt over een hoeksteen waar een gebouw op rust, kom ik toch op een rechthoekig gebouw uit. En dan zit ik met 4 hoeken. Welke hoek draagt nu het hele gebouw?

Deze zelfde teksten in Psalm 118 en Jesaja 28 worden ook aangehaald door Paulus in Efeziers 2:20:

19 Zo bent u dus geen vreemdelingen of gasten meer, maar burgers, net als de heiligen, en huisgenoten van God, 20 gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, met Christus Jezus zelf als de hoeksteen. 21 Vanuit hem groeit het hele gebouw, steen voor steen, uit tot een tempel die gewijd is aan hem, de Heer, 22 in wie ook u samen opgebouwd wordt tot een plaats waar God woont door zijn Geest.

En door Petrus in 1 Petrus 2:7:

6 In de Schrift staat immers: ‘In Sion leg ik een hoeksteen die ik heb uitgekozen om zijn kostbaarheid; wie daarop vertrouwt, komt niet bedrogen uit.’ 7 Kostbaar is hij voor u, die erop vertrouwen. Voor wie er niet op vertrouwen, geldt echter: ‘De steen die de bouwers afkeurden is de hoeksteen geworden.’ 8 En: ‘Het is een steen waarover men struikelt, een rotsblok waaraan men zich stoot.’ Zij struikelen omdat ze Gods woord niet gehoorzamen, daartoe zijn ze bestemd.

Hier wordt het interessant. Want wat voor woorden gebruiken Paulus en Petrus?

Paulus heeft het over een: akro-gooniaiou. Het is dus een woord dat uit twee delen bestaat: Akro en Gooniaiou. Goonia betekent “hoek”. We komen het zelfde woord bijvoorbeeld tegen in Goneometrie en (echt waar!) in knie (onze knie is immers ook de hoek van ons been).

Maar Akro betekent niet steen. We vinden Akro in het woord “Akro-polis” wat “hoogste deel van een stad of Boven Stad” betekent. Akros is in vertikale zin top, of uitstekend in de zin van hoger dan de rest. In horizontale zin betekent het overigens ook vooruitstekend, maar daar zie ik geen hoek van een gebouw in.

Paulus heeft het hier volgens mij dus over een Top hoek. Met de apostelen als fundament en de gemeente daar tussen.

En Petrus dan? Waar de NBV begint met “hoeksteen” staat eigenlijk Lythos. Dat kennen wij weer van Lythografie: steen druk kunst (of eigenlijk steen-schrijven). Maar daar waar staat “is de hoeksteen geworden” staat: “kefalen goonias”. Kefaleh betekent “hoofd, of kop”. Maar in overdrachtelijke zin ook voltooiing of kroon. En we zien er weer de hoek in “goonias”. Ook hier weer hoofd hoek.

Paulus schrijft dat het fundament van het gebouw bestaat uit de apostelen en profeten. Met Christus Jezus als hoeksteen. Dat suggereert dat Jezus onderdeel uitmaakt van het fundament. Maar dat hoeft uit de tekst niet te blijken. Gezien de betekenis van de woorden ben ik geneigd te concluderen dat Jezus de Top van het gebouw is, die het gebouw bij elkaar houdt.

Belangrijk? Nou misschien niet. Of toch wel als je aan plaatsbepaling doet: wat betekent Jezus nu voor jou en voor de gemeente? En welke plaats hebben de hedendaagse apostelen? Voor mij wordt er wel weer een en ander wat duidelijker. Petrus reageert hier mogelijk op de gedachte dat Jezus hem de rots noemde waarop Hij de gemeente zou bouwen. Paulus breidde dat blijkbaar uit tot de apostelen.

Als ik dat naar onze tijd vertaal dan zou je misschien kunnen zeggen dat de kerkenraad de gemeente draagt. Daar zit een dienend karakter in. Een manager in een bedrijf moet er voor zorgen dat zijn medewerkers hun werk kunnen doen. Veel “old-school” managers zijn vaak uit op hun sociaal-maatschappelijke-zelfbevrediging. Maar eigenlijk is een manager dus dienend. Voorwaarden scheppend zodat medewerkers zich goed voelen, de juiste spullen hebben etc. om hun werk goed te doen.

Evenzo de Kerkenraad. Een ouderling of diaken zijn doe je niet voor je Sociaal-kerkelijke-status. Het is een dienende taak. Voorwaarden scheppend om de gemeente optimaal te laten functioneren. Dat ieder zijn plekje heeft en tot zijn recht komt.

De Here Jezus is daarbij het Hoofd van de Gemeente, Zijn Lichaam. Dus ook weer boven aan. Hij houdt het gebouw bij elkaar, is in het Lichaam aansturend.

In het menselijk lichaam is het hoofd het lichaamsdeel dat het hele lichaam aanstuurt. Meer specifiek: de hersenen sturen het zenuwstelsel aan. Dat zenuwstelsel brengt al die signalen via zenuw-banen naar de spieren en brengt informatie signalen van onze sensoren (ogen, neus, smaakpapillen, huid, etc.) via datzelfde stelsel weer terug. Waarop het hoofd dan weer kan reageren. Ik heb wel eens verondersteld dat in dat metafoor de taak van de Heilige Geest geillustreerd kan worden door het zenuwstelsel. De Heilige Geest is het Zenuwstelsel van het Lichaam waar Christus het Hoofd van is. Zo kan het zijn dat twee broeders en/of zusters door de Heilige Geest dezelfde gedachten krijgen, of de een brengt een bloemetje langs op het moment dat die ander dat nu net nodig heeft.

Terug naar de hoeksteen-metafoor. Ik zit er nog een beetje mee dat Paulus schrijft dat vanuit Jezus het gebouw steen voor steen groeit. Als ik Top-Down, van boven naar beneden, redeneer dan klopt het wel. Maar ik zie bouwers eigenlijk nooit vanuit de lucht naar de aarde bouwen....

Ik vraag me trouwens ook af waar die metafoor vandaan komt. Opmerkelijk is het dat er in het verleden onderzoek is gedaan naar de grote Piramide van Geseh. Deze mist ook zijn top hoek steen. Ik veronderstel dat deze ooit wel gemaakt is maar om wat voor reden dan ook verloren is geraakt. Misschien wel omdat hij niet paste? Afgekeurd is door de bouwlieden? Mozes, die opgeleid was aan het Egyptische hof zal vast toegang hebben gehad tot de Bibliotheek van Alexandrië. Hij heeft de eerste vijf boeken van de bijbel geschreven waarin een wonderlijke wijsheid aan de dag wordt gelegd die ook in de moderne tijd nog geldig is. Waarvan we in onze tijd de technisch inhoudelijke waarheden ontdekken. Ik veronderstel ook dat deze kennis is meegenomen naar de bilibliotheken van de universiteiten van Jeruzalem. David zal daar vast ook uit hebben kunnen putten. Trouwens, de piramides van Egypte zijn niet alleen nu een begrip: de Egyptenaren zullen vermoedelijk ook geen kans hebben laten glippen om met hun piramides hun bouwkundige superioriteit bij de omwonende volken onder de neus te wrijven... Dus zou het kunnen zijn dat David aan die piramide dacht? Misschien wel een ingeving van de Heilige Geest die wellicht ook de ontwerp-plannen van diezelfde Piramide heeft beinvloed?

Ach, ik weet het: allemaal veronderstellingen. Sorry, ik vind het wel grappig daarover te gissen. Hoe het ook zij, uiteindelijk denk ik dat ik Jezus een plaats boven aan moet geven. In alles zie je dat Jezus verhoogd moet worden. Zoals we dat ook in Efeziers 2:9 lezen. Immers God geeft hem een Naam boven alle naam. Het is goed en belangrijk om te beseffen dat Hij het is die ons via zijn Heilige Geest samen bindt. God zet Zijn Top Stuk boven op Zijn gebouw, Zijn Tempel. De Kroon op de Schepping, de ultieme cosmetica (sieraad) op zijn cosmos (schepping, sieraad).

En misschien mogen we nog mee maken dat ook de grote piramide van Geseh zijn top hoek steen nog terug krijgt. Misschien wel als Jezus terukomt?

Groet,
Martien van den Akker